Erikjan Harmens werd Poetry Slam-kampioen, schreef vijf dichtbundels, twee romans, was poëzierecensent voor Trouw en Parool en dronk 25 jaar lang heel erg veel. Zijn nieuwe boek schetst het verloop van een overmeesterde verslaving.

"Het is uiteindelijk geen overwinning. Wat ik eigenlijk zou willen, twee glazen per dag drinken, kan niet meer", zegt Harmens in gesprek met NU.nl.

In de korte verhalen in Hallo Muur kijkt de lezer toe hoe de ik-persoon zijn leven laat leiden door zijn alcoholverslaving. Vanaf zijn jeugd, waarin hij zijn vader mist en diens achtergelaten bierflesjes leegdrinkt, tot zijn adolescentie, waarin hij te dronken is om diezelfde bloed ophoestende vader in het ziekenhuis te bezoeken.

Tijdens nuchtere momenten leert hij om te gaan met een kind met autisme, drijft hij weg bij zijn gezin, spoelt hij weer aan en vertrekt uiteindelijk definitief.

Westmalle Tripels

“Ik heb heel lang vol kunnen houden dat ik een Bourgondiër was. ’s Middags een paar Westmalle Tripels, dan een flesje wijn en dan een paar afzakkertjes. Ik was redelijk succesvol als dichter en schrijver. Ik had daarnaast een zakelijke carrière, een grote auto. Op zich ging alles goed. Tot je complete black outs krijgt en niet meer weet hoe de avond is afgelopen. Dat wordt steeds erger, tot je de bodem bereikt. Blijkbaar moet je die eerst zien voordat je weer omhoog kunt komen."

Je hebt jezelf niet gespaard in het boek.

"Ik wilde er eerst meer fictie van maken, in de derde persoon schrijven. Maar ik had de behoefte een boek te schrijven dat honderd procent eerlijk is. Een pseudoniem gebruiken zou onvolledig aanvoelen in verhouding tot die maximaalheid van mijn verslaving. Het is goed om maximaal in eerlijkheid te zijn, ongeacht de consequenties. Er zat een element van komedie in mijn leven. Naar buiten toe een redelijk verhaal waarin alles goed gaat. Aan de achterkant vrij donker en duister. Ik vind het fijn daar een punt achter te zetten."

Is het doel van het boek vragen om vergiffenis of het verzoek tot begrip?

"Als je veel drank gebruikt doe je mensen pijn. Ik wist zeker dat ik het op moest schrijven, maar dacht vooral over twee dingen na. Durf ik het te publiceren? En is het interessant genoeg als boek? Als je me vraagt: 'Wil je om vergiffenis vragen’, dan denk ik dat dat wel zo is. Ik wil ook graag laten zien wat er gebeurt met een verslaafd brein, dat altijd gericht is op meer. Iedere alcoholist denkt aan het volgende glas en vraagt zich voortdurend af: 'Heb ik nog wat liggen in de koelkast? Zou ik nog achter het stuur kunnen kruipen?’ Voortdurend dat gevoel over die hoeveelheden. Het is een bevrijding als je daarmee kunt kappen."

Toch schrijf je dat die uitweg als verraad voelde aan je vader, zijn vader, je broer en je zus, die ook allemaal dronken.

"Wat bij mij heel sterk meespeelde waren mijn helden;  Jacques Brel, Serge Gainsbourg, Jack Kerouac. Die rookten vijftig à zestig sigaretten en dronken meerdere flessen wijn per dag. Dat waren mijn grote voorbeelden. Net als mijn vader. Daar uit te stappen voelt nog steeds als een zwaktebod. Het is uiteindelijk geen overwinning. Wat ik eigenlijk zou willen, twee glazen per dag drinken, kan niet meer."

Harmens drinkt helemaal niet meer. Ook dat wordt in Hallo Muur beschreven. De ik-persoon viert de triomf van een nuchter bestaan tijdens het joggen, maar dagdroomt van een Belgisch biertje op een terras.

Als mensen jou een slachtoffer vinden, hebben ze het boek dan goed gelezen?

“Nee. Het is gebeurd, ik probeer in het boek aan te wijzen hoe dat is gekomen. Ik had om hulp kunnen vragen, niet zoveel drank in huis kunnen halen. Maar ik heb ook niet het idee dat mijn leven naar de Filistijnen is gegaan. Het is wel zeer pijnlijk. Vriendschappen zijn kapot gegaan. Maar ik ben nooit een alcoholist geweest die mensen op hun bek sloeg.”

Was je bang dat je zonder drank niet meer kon dichten?

"Zeker. Ik had het idee dat je voor echte inspiratie moest drinken. Maar dat is absolute larie, ik ben creatiever dan ooit. Maar het was wel even wennen."

Je lacht als je over je erover vertelt.

"Het is een lach uit opluchting, omdat het achter me ligt. Maar ik vind het ook eng om erover te praten. Het is ook een soort zenuwachtige lach. Ik praat er nog maar zo kort over en het zegt iets over de façade waar achter ik me verschool. Ik speelde een tijdje twee rollen. Daar schaam ik me voor natuurlijk."

Hoe groot was het gevaar te koketteren met je verslaving?

"Het ging beide kanten op. Ik had de neiging het mooier op te schrijven, de hoeveelheid (alcoholconsumpties, red.)naar beneden te brengen. Maar ook de neiging het groter te maken. Omdat je er wellicht van beschuldigd wordt dat je niet 'genoeg alcoholist’ was. Er zijn tientallen gevaren. Het kan te pathetisch worden, je kunt grote schade toebrengen aan mensen om je heen. Het is zo persoonlijk dat je veel mensen erin meesleurt."

Heb je al in kaart kunnen brengen of dat is gebeurd?

"Mijn familie heeft het nog niet gelezen. Dat vind ik heel spannend. Ik heb niet het idee dat ik iemand heel lelijk heb gemaakt, maar het is erg  realistisch. Daar hebben zij niet om gevraagd. Ze zullen het misschien pijnlijk vinden. Ik heb geprobeerd een goed literair werk te maken en vindt literaire kritiek belangrijk, maar vanuit het hart ben ik benieuwder naar de waardering van de mensen om me heen."

Hallo Muur is verschenen bij uitgeverij Lebowski