Kostelijke roman over twee Nederlandse theatermakers die hun voorstelling in Italië proberen op te voeren. Het Teatrio Olimpico wordt hun Moby Dick.
 

Teatrico Olimpico is een bestaand, luisterrijk theater in Vicenza. Twee Nederlandse theatermakers worden benaderd om daar hun voorstelling Rousseau op te voeren, en het is begrijpelijk dat het verzoek ze licht in het hoofd maakt. Van de Italianen hadden ze al vernomen dat subsidiestromen daar erg complex zijn. Omwille van het prestige van dat teatro zijn de twee bereid voorschotten te betalen.

Even dreigt de roman de richting van een culturele Nigeriaanse zwendel op te gaan. De communicatie tussen Nederland en Vicenza verloopt chaotisch, de organisatie in Italië wisselt met de dag en er worden ongevraagd steeds meer mensen aan hun Rousseau toegevoegd, die allemaal geld willen.

Alle toezeggingen vanuit Italië ten spijt moeten de twee keer op keer hun spaarbankboekje aanspreken; de slapstick van de onophoudelijke tegenslagen begint inmiddels kostelijke vormen aan te nemen.

Investeringen

Toch laten de Nederlanders zich niet uit het veld slaan en sterker nog, vanwege hun inspanningen (én om de reeds gedane investeringen), kunnen noch willen ze bakzeil halen. Het Teatro Olimpico wordt hun Moby Dick.

Als ze na ontelbare vijven en zessen in Vincenza arriveren en dat theater aanschouwen, naar een bijzonder ontwerp van de architect Andrea Palladio,maakt dat veel van hun beproeving goed.

Ontwapenend

Naast de ontwapende charme van mensen die against all odds nog steeds durven te dromen, biedt de auteur een ironisch kijkje in financiële beslommeringen van de hedendaagse cultuursector.

Dat het gelukkig ook nog om inhoud gaat, bewijst hij met de verhaallijn over Rousseau zelf, wiens leven en nagedachtenis dankzij dit theatrale getouwtrek op een gevarieerde, interessante wijze over het voetlicht wordt gebracht. Dit is een vermakelijke, leerzame, gelaagde roman.

Uitgeverij Querido