De Raad voor Cultuur adviseert minister van Cultuur Jet Bussemaker (PvdA) de wet op de vaste boekenprijs nog vier jaar te handhaven. 

De raad ziet een groot cultureel en maatschappelijk belang voor de brede beschikbaarheid van boeken. Dat staat in een vrijdag gepubliceerd rapport. De raad erkent wel dat de effectiviteit van de vaste prijs niet is bewezen en stelt daarom wel een aantal voorwaarden op.

Door de vaste boekenprijs kan niet worden gestunt met boeken. De Autoriteit Consument en Markt (ACM) hield vorige maand in een opiniestuk een pleidooi voor afschaffing van de vaste boekenprijs. Dat zou de 'culturele prestaties van de boekenmarkt' ten goede komen. Volgens de raad is het afschaffen van de wet op korte termijn echter onverantwoord.

Inkomstenzekerheid

De wet zorgt volgens het adviesorgaan voor een 'vorm van inkomstenzekerheid' voor de boekensector. Die is nodig voor vernieuwing in het boekenvak, omdat lezen 'minder belangstelling geniet'.

De raad is kritisch over de digitalisering van de boekensector, die 'moeilijk gerekend kan worden tot de meest innovatieve'. Op dit terrein is een rol weggelegd voor het Nederlands Letterenfonds, dat zich volgens de raad kan ontwikkelen tot een expertisecentrum voor digitalisering.

De raad adviseert de vaste boekenprijs voor wetenschappelijke boeken af te schaffen en de wet minder vrijblijvend uit te voeren. De boekensector moet meer openheid geven over financiën en culturele ambities.

"Duidelijk moet worden hoe en hoeveel van de inkomsten in het perspectief van de interne kruissubsidie precies worden aangewend ten behoeve van de cultuurpolitieke doelen die de overheid met de wet nastreeft", schrijft de raad.

De vaste boekenprijs werd tien jaar geleden ingevoerd en houdt in dat de uitgever de prijs van een boek bepaalt. Daar mag een boekhandel, supermarkt of internetwinkel niet van afwijken. De wet wordt iedere vijf jaar geëvalueerd op effectiviteit. Bussemaker neemt na de zomer een definitief besluit.