De Amerikaanse misdaadschrijfster Patricia Cornwell zegt nieuw bewijs te hebben voor de identiteit van Jack the Ripper, de bekendste Engelse seriemoordenaar. 

Na elf jaar onderzoek wijst de schrijfster van onder meer de Scarpettaserie naar de schilder Walter Sickert, die al vaker als mogelijke verdachte is genoemd.

Cornwell gelooft bovendien in een 'koninklijk complot' rond de reeks moorden van 1888 tot 1891, die ze samen met een voormalige officier van Scotland Yard tot in detail onderzocht.

Cruciaal zijn volgens de bestsellerschrijfster de brieven die Jack the Ripper naar de politie stuurde, rapporteert de Londense krant The Evening Standard vrijdag. Die brieven worden nog altijd bewaard in de Nationale Archieven. Cornwell ontdekte dat ze hetzelfde watermerk bevatten als correspondentie die van Sickert bewaard is gebleven.

Mysterie

''Kunnen we het ooit bewijzen? Nee, hoe zou dat kunnen?'', zegt de schrijfster. ''Het zijn duidelijk bekennende en hele gewelddadige brieven. Ik denk dat deze reeks moorden altijd zal blijven fascineren en gehuld zal blijven in mysterie.''

Cornwell stak miljoenen van haar eigen geld in het onderzoek. Ze kocht het bureau van Sickert en 32 van zijn schilderijen om er DNA-onderzoek op te laten doen.

Lijfarts

De band tussen het koninklijk huis en de moorden ziet de schrijfster in Sir William Gull, de lijfarts van koningin Victoria die volgens verschillende onderzoekers zou hebben geholpen de lichamen te verbergen.

''Laat ik volstaan met de mededeling dat er bewijs is opgedoken dat hij ook de huisarts van Sickerts gezin was. Verschillende mensen die in die complottheorie zijn genoemd, waren bekenden van Sickert.''

Cornwell schreef in 2002 ook al een boek over Jack the Ripper, waarop ze veel negatieve reacties kreeg. Over het huidige onderzoek gaat ze eveneens een boek schrijven.