Monumentaal epos van de Catalaanse schrijver is een roman over de vele diabolische en engelachtige gezichten van Europa in de 20e eeuw.

De auteur van De stemmen van de Pamano, Jaume Cabré, was de ontdekking tijdens de Frankfurter Buchmesse in 2007. Daarna werkte de Catalaanse auteur 7 jaar aan De bekentenis van Adrià, zijn magnum opus waarmee hij het morele verleden van Europa onder de loep legt.

Een van de leidraden in Cabre's roman is de Storioni, een waardevolle viool uit de 18e eeuw, die in een antiekwinkel in Barcelona ligt. Het instrument heeft altijd de bijzondere aandacht gehad van Adrià, de dan nog jonge hoofdpersoon en zoon van de eigenaar van de antiekwinkel.

De vader van Adrià, een koele, afstandelijke man, wil dat zijn zoon een meertalig, humanistisch genie wordt. Hij legt de lat hoog, iets wat gebruikelijk is voor mensen die hun eigen nagedachtenis op deze aarde door een ander willen laten invullen.

Spook van erkenning

Ook Adria's moeder heeft ambities die druk op de ketel zetten: zij zag het liefst dat haar zoon een vioolvirtuoos werd. Zo krijgt de jongen de niet geringe taak op de frêle schouders gelegd om twee ambitieuze volwassenen te plezieren.

Maar met deze ambivalente constellatie creëert Cabré wel een romanpersonage dat als uit de hemel is gezonden: complex en ambigu, ontwikkeld en onderlegd, wereldwijs en schuw tegelijk. En altijd jagend op het spook van de erkenning, want Adria's vader wordt vermoord als hij nog jong is, voordat de relatie tussen hen beiden geëffend kan worden.

Het achterhalen van de moordenaar van zijn vader wordt een drijfveer voor de toch al zo gedreven Adrià. Zoals hij ook de oorspronkelijke eigenaar van de Storioni wil achterhalen, die tegelijk met de moord uit de winkel is verdwenen.

Literaire paardesprongen

Deze queeste wordt een queeste door de Europese geschiedenis, waarvoor Cabré literaire paardensprongen maakt in de tijd. Adrià verdwijnt tijdens zijn speurtocht regelmatig zonder aankondiging uit beeld en dan bevindt de lezer zich plots eeuwen terug in de tijd, waar de laatste monnik door de Inquisitie wordt vermoord en in de tuin begraven.

De boom op het graf levert het hout dat ene Lorenzo Storioni voor zijn eerste viool zal gebruiken. De tijdsprongen brengen ons ook naar Duitsland tijdens de oorlog, in de witte kamer van een nazi-arts die experimenten met joden uitvoert. Of op een stijf bevroren modderpad in Oost-Europa waar partizanen een regiment vijandelijke soldaten in het vizier hebben.

Dat hinkelspel is een machtig stijlmiddel van Cabré. Een ingenieuze constructie waarmee hij morele aspecten van de Europese geschiedenis voortdurend naast en tegenover elkaar kan plaatsen, los van omgeving, tijd of omstandigheden. Hij laat ons ontdekken of het personage dat moreel verwerpelijk leek, aan de keerzijde van het spectrum andere intenties kan hebben gehad.

Fantoomvader

Voortdurend drijft Cabré ons door de pagina's van het geschiedenisboek en mag de lezer meningen bijstellen en herschikken, terwijl Adrià doorjaagt op erkenning van een fantoomvader. Als Adria zijn ware liefde Sara leert kennen, speelt de viool alweer een grote rol, die Adria naar de Tweede Wereldoorlog zal voeren.

Ergens doet Cabré denken aan een literaire Simon Wiesenthal, met name bij de gevluchte nazi-arts, die hij blijft achtervolgen en dicht op zijn geweten zitten. De arts is deels gevlucht om zijn straf te ontlopen, maar ook om de rest van zijn leven in te zetten om het door hem aangerichte leed te herstellen. Hij gunt zichzelf geen gemoedsrust, nog geen seconde, en beschouwt zichzelf puur nog als instrument van zijn boetedoening.

Of dat afdoende is, is als het berekenen van het getal pi. Maar het is evident welke Europese periode de grootste morele hangijzers voor Cabré vertegenwoordigt. En hij heeft het verwerkt in dit grootse verhaal, dat per direct een belangrijke plaats verdient in de wereldliteratuur.

Uitgeverij Signatuur.
Vertaling Pieter Lamberts en Joan Garrit