Rechercheur Harry Bosch, Connelly's vaste hoofdpersonage, krijgt twee zaken op te lossen in Los Angeles: een cold case en de zelfmoord van de zoon van een raadslid.

Ook bij de L.A.P.D. is het crisis. Er wordt flink gesnoeid in de budgetten, en Harry Bosch is opgelucht dat ze hem 39 dienstmaanden erbij geven.

Als alleenstaande vader met inwonende dochter maakt hij een snelle berekening: de extra diensttijd is in elk geval lang genoeg om zijn dochter door haar schooltijd te slepen.

Tegelijk met dat goede bericht krijgt Bosch twee zaken toegeschoven. De ene betreft een cold case met een nieuw luchtje, aangezien moderne DNA-technieken uitwijzen dat een kind van acht moeilijk een wurgmoord kan hebben gepleegd.

De ander is de zelfmoord in een celebrityhotel van de zoon van raadslid Irvin Irving, een oude vijand van Bosch die erop staat dat hij de zaak uitzoekt.

Trage zinnen

Connelly zit in de hogere categorieën van de thrillerschrijvers. Toch had de schrijfstijl in De val iets bondiger gemogen, het genre indachtig. Het verhaal is sterk, met al die lijntjes die naar een wijd vertakt corrupt netwerk meanderen.

Maar het tempo lijdt soms onder trage zinnen die het vlotte Amerikaans tenietdoen, en erg overbodige beschrijvingen ("met de perforator maakte hij drie gaatjes in het papier, waarna hij het in de ordner stopte en die dichtklapte").

Weinig communicatief

Daar moet je wat espressootjes bij de hand houden. Temeer daar Bosch weinig communicatief naar zijn partner Chu is, en van de weeromstuit niet naar de lezer.

Vanuit Chu's perspectief bekijken we Bosch eigengereide werkwijze, en kunnen ons zijn gevoel levendig indenken. Leuk, dat kriskras door de stad 'looking for clues', maar zeg es wat, Harry.

Uitgeverij De Boekerij

Vertaling Ineke van Bronswijk en Gerrit-Jan van den Berg