AMSTERDAM - Milou van der Will (1985) debuteerde in 2010 met de thriller Rood licht. Nu is er opnieuw een spannend boek van haar hand verschenen: Breekijzer. En daarover vertelt ze in een interview met NU.nl.

Sam is achttien, net als zijn vriendinnetje Sophie. Ze hebben met veel moeite een klein huisje gevonden. Zij werkt in een kapsalon en hij in een sportschool.

Totdat iemand uit het verleden opduikt die hij midden tussen de halters een paar flinke oplawaaien verkoopt.

Een groot gedeelte van Breekijzer is vanuit mannelijk perspectief geschreven. Was dat lastig?

"Ik ben natuurlijk nog steeds ook journalist en ben dus gewend om onderzoek te doen. Je moet vermijden dat je in stereotypen vervalt.

Ik heb gesproken met een jongen die met veel moeite uit het circuit wist te stappen, voornamelijk doordat de bende door de recherche was opgerold. In eerste instantie was het een stroef gesprek, maar hij heeft me heel erg veel achtergrondinformatie gegeven."

Hoe ben je bij dit thema terechtgekomen?

"Ik ben iemand die erg geïnteresseerd is in de kleine berichtjes in de krant. En ik wil dan altijd weten wat er zich achter zo’n berichtje heeft afgespeeld.

Bijvoorbeeld de gezinshulp die een jongetje heeft ontvoerd bij zijn moeder vandaan omdat ze dacht dat hij mishandeld werd. Wat heeft die vrouw tot die daad bewogen. Ik vind - ik verzin nu even een woord - een 'inzoomboek' erg interessant."

Was je al vanaf het begin van plan om de dagboeken van Lelie, de moeder van Sam, zo’n belangrijke rol te laten spelen?

"Ik heb geëxperimenteerd met terugblikken door Sophie, maar vond dat het niet goed werkte. Ik wilde Lelie ook een stem geven. Over de dood heen, als het ware. Dankzij haar dagboeken komt de waarheid alsnog aan het licht.

Je zet de lezer tot op het laatst op het verkeerde been?

"Ik heb de constructie van tevoren goed uitgedacht en bewust naar de plot toegewerkt. Een lezer die bij de les blijft kan dankzij de dagboeken aanvoelen in welke richting het drama zich ontwikkelt. Toch hoop ik dat de echte plot nog een beetje onverwacht komt."