AMSTERDAM - Naar alle waarschijnlijkheid wordt donderdag 6 oktober om 13.00 uur de winnaar van de Nobelprijswinnaar voor de Literatuur 2011 bekend gemaakt. Tijd voor speculatie. Door Guus Bauer.

De beweegredenen van het Zweedse comité zijn vaak ondoorgrondelijk, maar toch is er de laatste jaren een tendens merkbaar, die in 2006 is ingezet met de uitverkiezing van de Turkse schrijver Ohran Pamuk.

Sindsdien zijn er steeds auteurs gelauwerd die een sterke politieke en menselijke betrokkenheid hebben getoond: achtereenvolgens de Engelse Doris Lessing, de Franse Mauritaniër Gustave Le Clézio, bekend om zijn ‘indianenverhalen’, de Duitse schrijfster Herta Müller, weggepest uit Roemenië, en vorig jaar de Peruaan Mario Vargas Llosa, zelfs een tijd lang presidentskandidaat.

David Grossman

In dat kader zou de Israëliër David Grossman een goede keus zijn.

Deze schrijver schroomt niet om vooral de binnenlandse politiek van Israel heftig te bekritiseren. Het oeuvre van Grossman heeft met een dozijn belangwekkende boeken gewicht genoeg, maar waarschijnlijk is hij te jong en staan er vanuit het Midden-Oosten nog kandidaten als Amos Oz voor hem in de rij.

Bovendien is Grossman net gelauwerd met de Duitse Vredesprijs. Hij zal wellicht nog een decennium of twee moeten wachten.

Philip Roth

Maar wie heeft de ruim een miljoen euro prijzengeld al zo goed als in de zak? Steken we van Zuid-Amerika over naar het Noorden en krijgt Philip Roth eindelijk de prijs? Al te grote bekendheid helpt ook niet.

Salman Rushdie was in 1997 (letterlijk) de gedoodverfde kandidaat, maar de relatief onbekende theatermaker Dario Fo mocht de oorkonde mee naar Italië nemen.

Toen Vladimir Nabokov en Graham Greene het volgens eenieder zouden uitmaken in 1974, verdeelden twee Zweedse juryleden de prijs onderling.

Lars Gustafsson

Maakt een Zweed daarom nog wel een kans? Een auteur die het absoluut zou verdienen is Lars Gustafsson.

Een oeuvre van tachtig ingetogen prozawerken en poëziebundels. Maar de grootmeester is vijfenzeventig en het winnen van de Nobelprijs betekent ook een jaar lang verplichtingen. Herta Müller kreeg na de bekendmaking meer dan zestienhonderd uitnodigingen.

Müller: "Bijvoorbeeld ook voor een medisch congres in Chicago. Wat ik zou komen vertellen, maakte niet uit. Denk maar niet dat die mensen een boek van me hebben gelezen, áls ze al lezen. Maar ik heb ook voor het Europese parlement gesproken, dat was me anders niet gelukt."

Outsider

Schrijvers die in het Spaans, Duits en Engels schrijven, zijn de laatste jaren goed bedeeld. Europa en Amerika hebben veel laureaten. Er zijn een aantal Aziatische winnaars, maar Afrika viel slechts eenmaal de eer ten deel (Wole Soyinka, 1986).

Een mooie outsider is wat dat betreft Assia Djebar, een van de bekendste geangageerde schrijfsters van de Maghreb. Die zou goed in de traditie passen. Ook zij schuwt de controverse niet.

Edgar Hilsenrath

Persoonlijk zou ik het, nu het nog kan, de oude Duitse schrijver Edgar Hilsenrath gunnen. Hij heeft naast vele prachtwerken over de Holocaust ook de slachting onder de Armeniërs in Turkije begin van de vorige eeuw durven beschrijven. Daarnaast zou ik, gezien de literaire kwaliteit van zijn oeuvre, de Engelsman Graham Swift graag willen feliciteren.

Het Zweedse comité hult zich zoals altijd in nevelen. Voor hetzelfde geld komt men met een totaal onbekende kandidaat op de proppen. Als troost mag gelden dat literaire grootheden als Kafka, Tolstoj, Joyce en Proust de prijs nooit kregen en veel winnaars in de vergetelheid zijn geraakt.

Wie kent nog werk van Kenzaburo Oë (Japan, 1994) of Gao Xingjian (China, 2000). Eureka, het wordt natuurlijk een dissidente Chinese schrijver! Het blijft een Zweedse tombola.

Guus Bauer is schrijver, uitgever en literair journalist voor onder meer NU.nl.