AMSTERDAM - De nieuwe roman Gitte van Kristien Hemmerechts is een familiegeschiedenis met een duistere rand, die het jonge meisje Gitte met haar onderzoekende geest aanspoort tot grasduinen in haar familieverleden. NU.nl had een gesprek met een Belgische grande dame van de literatuur.

Als we kennismaken met Gitte en haar twee broers, Woud en Onno, zijn ze nog heel jong en kunnen zich compleet verliezen in religieuze rituelen en Bijbelse verhalen.

Het lijkt hun equivalent van Grimm en Hans Christian Andersen, zoals andere kinderen prinsje en prinsesje of de ridder en de draak naspelen. Is het zo dat de schrijfster de goddelijke vertellingen gelijk wil stellen aan sprookjes?

“De vader in mijn roman is theoloog. Met zijn misspullen in de schuur en die sfeer van liturgieën is dat de belevingswereld die het dichtst bij deze kinderen staat. En dan is hun huis ook nog zo afgelegen, zo vlak bij een bos: zo wordt hun fantasie geprikkeld en ‘spelen ze kerkje’.”

Intensiteit

Als hij patissier was geweest hadden ze versgebakken krakelingen en krentenbollen mee naar het bos gesleept om bakkertje te spelen, bij wijze van spreken, maar daarmee verkrijg je niet dezelfde betoverende intensiteit als die de schrijfster met dit decor oproept. Het is de magische wereld van de creatieve verbeelding van het kind die ze zich nog goed uit haar eigen jeugd weet te herinneren.

“Dat is een herinnering om te koesteren en dat doet helaas niet iedereen. In de huidige tijd is het meer en meer het rationele dat overheerst, en de creatieve verbeelding raakt daarbij helaas steeds verder op de achtergrond. “

Verbeelding

Met dit sterke begin van de kracht van de verbeelding, de onderzoekende geest van Gitte en die esprit van vrijheid die zij in het bos ervaart, weet Hemmerechts effectief een universum te scheppen waarin je als lezer het weldadige gevoel krijgt een roman in handen te hebben waarin de personages en verhaallijnen je op overtuigende wijze zullen meevoeren naar onvoorspelbare en nieuwsgierig stemmende richtingen.

“Dat was ook mijn bedoeling. Ik wilde het banale en overstijgen, dat is sowieso mijn streven als schrijver. Als je aan de bar staat van een willekeurig café, word je met platitudes om de oren geslagen, je hoort dingen die al honderd keer gezegd zijn. Ik zoek naar woorden, naar nuance en verhalen waarbij de lezer niet direct een waardeoordeel vormt omdat het herkenbaar is en hen in hun mening bevestigt, maar bereid is zich open te stellen voor nieuwe inzichten."

"Volgens mij hadden we daar net al een voorbeeld van: jij zag een overeenkomst tussen Bijbelse verhalen en de mores van het Goede en Kwade zoals verbeeld door Moeder de Gans. Ik mag als schrijver dan een bepaalde bedoeling hebben met mijn roman , als een lezer onderweg nog veel meer associaties krijgt, is dat zijn of haar vrijheid en voor een schrijver een geschenk.“

Familiegeheim

Die bedoeling, de kern van deze roman, is het ontsluieren van een familiegeheim. Het is in dat vrije bos dat zo dicht bij Gitte’s thuis ligt, waar het geheim ligt verborgen. Gittes overgrootvader Lionel is daar ooit door stropers vermoord, en er werden twee broers als schuldigen aangewezen.

Gitte krijgt niet alleen vermoeden dat de waarheid anders is. Ze is gevoelig voor de signalen die haar bereiken dat het verbergen van die waarheid zijn wissel heeft getrokken op haar familiegeschiedenis.

“Daarin zit de essentie van mijn roman. De waarheid laat zich niet onder het deksel van een doofpot wegstoppen. Als je een leugen in stand wilt houden, kruipen er voortdurend kleine kriebelbeestjes onder dat deksel vandaan, en druppels lekwater die stinken en blijven doorrotten. Ik ben van mening dat openheid de beste optie is, hoe moeilijk het soms ook is om de waarheid het hoofd te bieden."

"Daarom maken sommige mensen ook de keuze om de waarheid te verhullen, omdat zij dat met de beste bedoelingen doen. Ze willen door, ze willen anderen er niet mee te belasten, of, zoals in Gitte, zij willen hun kinderen in bescherming nemen en denken er goed aan te doen een bepaalde illusie in stand te houden. "

"Voor een meisje als Gitte werkt dat dus niet. Zij heeft er eerder last van omdat zij tekenen doorkrijgt dat er iets niet klopt, en zij bijt zich vast in dat familiegeheim totdat de laatste steen boven is.”

Seksualiteit

Naar verluidt zijn er wel ontwikkelingen in Gitte’s leven die hier en daar tot waardeoordelen hebben geleid. Vooral bij de ontdekking van haar seksualiteit. Vlak over de grens van het ouderlijk huis bevindt zich een café waar Gitte zich overgeeft aan anonieme, geile avontuurtjes.

“Het heeft me verbaasd dat daar zulke fronsende reacties op kwamen, en dat lezers Gitte’s onbetwistbare intellect zo moeilijk viel te rijmen met onbekommerde sekservaringen. Dat kon ik dus zelf weer niet plaatsen: dat Gitte brains heeft, betekent nog niet dat ze geen kut heeft. Ze is juist duidelijk in wie ze wil en waar: ze zoekt dat liederlijke café op omdat daar dingen mogen waar ze zin in heeft, en ze stelt zelf de voorwaarden.”

Het is in dezelfde periode in Gitte’s leven dat ze verliefd wordt, of meent te zijn, op Paul, de zoon van de dichter met wie haar eigen moeder ooit een kortstondige affaire heeft gehad. Al hun verheven gesprekken ten spijt, Paul wakkert tevens Gitte’s verlangen aan.

Maar als Gitte zich na hun eerste verliefdheidsroes manifesteert als mens van vlees en bloed, begint Pauls aandacht voor haar te verslappen en gaat ten slotte uit als een nachtkaars.

Muze

Pauls personage drijft op de faam van zijn vader als dichter: zou het kunnen dat hij in Gitte een Muze zoekt die zijn eigen dichterlijke talenten aanwakkert, een op wie hij (net als zijn vader) zijn fantasieën kan projecteren als poëet die lijdt onder liefde?

Immers, dan moet zo’n Muze wel een afstandelijke ‘fee’ blijven en niet van vlees en bloed worden; een fantasievrouw kan zijn dichterlijke verbeeldingskracht inspireren, maar haar eigen reële wensen en verlangens zouden die weer kunnen beperken of zelfs overschaduwen.

“Dat zou heel goed kunnen, als je dat zo stelt. Mannen vertonen wel vaker de neiging dat ze hun fantasie niet voor de werkelijkheid willen verruilen. Ik zeg je eerlijk dat ik hier niet bewust op heb aangestuurd, maar zo bezien is dit weer een voorbeeld dat mijn roman bij de lezer een eigen interpretatie oproept.”