Zoals desperate housewives de hele dag bezig zijn met seks, relaties en gossip, voeren de mannen in dit kleine wijkje in Midden Amerika de boventoon. Hun preoccupatie: macht.

Doolittle deelt op de eerste pagina meteen een klap uit met de dramatische ontknoping: Paul wordt beschuldigd van seksueel misbruik van zijn dertienjarige buurmeisje. Je moet maar durven, als schrijver. Want nu is het zaak om de aanloop naar deze finale spannend te houden.

Meedoen

En dat lukt hem moeiteloos. Al weet je waar het op uitdraait, Doolittle weet raad met dat sinistere fenomeen ‘manipulatie’ waar Paul en zijn vrouw Sara in verstrikt raken. Ze zijn vanuit Boston verhuisd naar een koddig stadje in de Mid-West, waar ze hun best doen onderdeel uit te maken van de kleine gemeenschap.

Dus vooruit, Paul gaat met de jongens mee golfen. En hij doet mee aan de ‘Burgerwacht’ die door buurman Roger is georganiseerd voor een veiliger leefklimaat. Deze Roger ontwikkelt wel meer initiatieven die alle lijken te getuigen van de beste bedoelingen. Maar ondertussen.

Demagogie in de wijk

Het is om Spaans benauwd van te krijgen, die Roger die telkens beweert de boel bij mekaar te willen houden. Het is demagogie op microformaat in dit woonbuurtje met een man die iedereen naar zijn ideaalbeeld wil polijsten. Met de beste bedoelingen. Je voelt de kriebels langs je rug kruipen, en uit de barstjes die in een dergelijk irreëel glazuur ontstaan sijpelt al rap het bloed.

Had ik maar

Deze thriller is grimmig van toon en Doolittle is volstrekt overtuigend, waardoor de spanningsboog fiks wordt opgerekt. Overtuigende schrijvers behoren tot de engste omdat ze alle registers open kunnen trekken en je als lezer erin meegaat. Toch haalt Doolittle geen absurde capriolen uit. Hij weet gewoon dat schemergebied van de manipulatie fantastisch uit te spelen, met al die achteraf-wijsheden ‘had ik maar’ en ‘hoe kon ik hier instinken’.