Kereltje, uitzingen is het devies. Uitzingen door meezingen. En stappen maken moet je, op dat ritme. De ene voet voor de andere, vooruit en hup.

En fluiten! Fluiten door te tuiten. Fluitend door elke verdoemenis of wanen van geluk. Als je maar fluit godverdomme.

De melodie tilt je wel op en de roffelende snaredrums geven je het gevoel dat je het wel redt. Een hymne, een strijdlied, een ander duudeljoo dan duudeljoo voor op de zevenheuvelenweg naar de dood.

Als ze je meneer noemen en je kijkt langs de mistroostig bungelende lamellen voor het keukenraam van je woningbouwhuis naar je zuurverdiende Zweedse auto die door je uiterlijk aftakelende vrouw de oprit opgereden wordt waarna ze het kind waar zij voor koos, en jou in meesleurde, in een draagstoeltje, dat al jullie burgerlijke vrienden ook hebben, mee naar binnen zeult en ze blaft als een teef huishoudelijke bevelen: fluit en stap dan The Riddle van Nik Kershaw.

Dat doet goed. Als de zon schijnt, als het giet. Meer dan dat lied wordt het niet. Ooit werden zelfs prijsvragen gewijd aan de betekenis van de tekst, de zin van elke zin, novelledikke analysen ontving de zanger van vertwijfelden.

Maar een aan woede grenzende teleurstelling was er toen hij onthulde dat het nergens over gaat.

Gemaakt in nauwelijks twintig minuten en vanaf meet een betekenisloos samenraapsel van woorden op een vierkwarts wandelcadans met nu en dan een verheffend thema van gitaar en soort van fluit. Mét een rond eind.
 
Winnaar boekenweekactie NU.nl-Titaantjes