De koning van de chique oester spreekt. Deze biografie laat zich lezen als grotejongensboek dat eindigt als misdaadroman.

In 2007 viel het doek definitief voor de exclusieve uitgaansclub Yab Yum. Maar dat doek was eigenlijk al weg toen eigenaar en oprichter Theo Heuft in 1999 de tent verkocht. Noodgedwongen, zo is te lezen in deze vlot opgetekende biografie.

Het zijn de memoires van een Amsterdamse jongen die grootse dromen heeft verwezenlijkt maar het uiteindelijk moest afleggen tegen louche onderwereldfiguren.

Verbeelding

Het verloop van Theo’s leven lijkt wel de verbeelding van de 20ste-eeuwsegeschiedenis van Amsterdam zelf. De miserabele oorlogsjaren gevolgd door de moeizame opbouw. De eerste fragiele welvaart gekoppeld aan vrijzinnige bravoure.

Het warme bad van de seksuele revolutie en dito tolerantie, gevolgd door onstuimige jaren van feest en vrijheid. Totdat die periode uiteindelijk het nekschot krijgt van de georganiseerde misdaad die een steeds duisterder schaduw over de stad werpt (en de politie toekijkt).

Wat Zien Ik

Die feestelijke jaren leveren de fraaiste passages op in Yab Yum, met die verrukkelijk herkenbare ‘Wat Zien Ik’-taferelen. De club werd het epicentrum van gemoedelijke wellust met de pikante franje van excessieve wensen, maar alles binnen de grenzen.

En vooral alles tegen een fraai luxe decor, om de lustige beau monde uit de ranzigheid te halen. Het is immers juist in een verguisde periferie waar smerigheid de kop opsteekt, en dat had Heuft prima gezien. Prostitutie is zo oud als de wereld, maar in Yab Yum werd het glamourous en gekoppeld aan zakelijk succes – wat is er veel champagne geschonken om deals te beklinken en te vieren met mooie meiden in een bubbelbad. Hoezee.

Seksstad

In Amsterdam seksstad, zoals we wereldwijd bekend staan, was Yab Yum de glanzende parel in de kroon. Maar als de stad (dus het bestuur) écht progressief was geweest, was Yab Yum niet in de klauwen van de onderwereld beland. Elke ondernemer kan in principe naar de rechter stappen als de criminelen op de poort bonzen. De onderneming van Theo Heuft werd echter toch beschouwd als een zaak met een luchtje, en zo stond hij machteloos.

Yab Yum is een openhartig boek maar evenwel geen aanklacht. Dat zegt iets moois over het karakter van de persoon Theo, zonder dat het expliciet uitgeschreven hoeft te worden. Er staat ook niet in waarin hij nu precies zo verschilde van anderen dat hij zo’n bekende ondernemer is geworden.

Theo is gewoon een van die mensen met ideeën, maar daar zijn er wel meer van. Wat de ideeënmens onderscheidt van zijn peers is dat hij zijn idee in daden omzet en de anderen hem laten wegsijpelen in hun kussensloop. Maar wat zeker uit dit boek is te distilleren is dat het einde van Yab Yum de teloorgang van Mokums gezellige seksimago symboliseert. Eeuwig zonde.