René van Royen - Latijn, een taal voor iedereen

Een poging om Latijn voor iedereen toegankelijk te maken, verzandt in een lawine van metaforen en kinderlijke bewoordingen.

Het klinkt goed, een taal voor iedereen. René van Royen wil met dit boek aantonen dat Latijn niet zo verschrikkelijk moeilijk is als vaak beweerd wordt. Hij doet dit door uit te gaan van de Nederlandse grammatica en daarmee de grammatica van het Latijn te vergelijken.

Het is logisch dat je kennis dient te hebben van grammatica en ontleden om succesvol een vreemde taal te kunnen leren. Het is ook waar dat je deze kennis het gemakkelijkst kunt verkrijgen door je moedertaal te bestuderen.

Dit kan echter onmogelijk heel vernieuwend genoemd worden, wat het boek wel suggereert.

Meerwaarde?

De vraag is dus wat het boek, buiten de vermomming als vrolijke paperback, te bieden heeft boven een doorsnee studieboek Latijn.

De lijstjes met uitgangen komen namelijk ook bekend voor. Dat is erg jammer, want in eerste instantie lijkt van Royen in te zetten op de historische context en dát zou zijn boek nu juist wel onderscheiden hebben.

Ondergesneeuwd

Hij laat voorbeelden zien van Latijnse spreuken en woorden in onze tijd en schetst de ontwikkeling van het Latijn, dat begon als onbelangrijke streektaal in Latium (tegenwoordig Lazio), Italië.

Helaas is dat enkel het inleidende hoofdstuk. Af en toe komt de auteur wel met leuke voorbeeldjes en citaten uit de literatuur.

Het is absoluut duidelijk dat hij weet waar hij het over heeft, maar de leuke anekdotes die de broodnodige lichtheid aan het boek zouden moeten geven worden vaak ondergesneeuwd door heuse oefeningen en uitgebreide schema’s.

Loze metaforen

De auteur doet heus zijn best. Hij wil meer uitleggen dan de studieboeken Latijn doen, vooral ook over Nederlandse grammatica. Dit lijkt handig maar blijkt vooral erg vermoeiend, wanneer in kinderlijke bewoordingen wordt uitgekauwd wat een werkwoord precies is.

Op andere plekken in het boek gaat zijn uitleg juist weer te snel, of raak je als lezer de weg kwijt in loze metaforen.

In een uitleg over een bepaald soort werkwoorden: ‘Ruimte hoort bij het leven. Wie een huis bouwt, heeft om te beginnen een stuk grond nodig. Er moet plaats zijn voor het huis zelf, maar ook moeten alle bouwmaterialen en de keet ergens staan…’

Structuur

Het is op die manier erg moeilijk om je aandacht bij de tekst te houden, die bovendien vaak slecht gestructureerd is.

Hoewel het best mogelijk is om wat eenvoudige Latijnse woorden en zinnen op te pikken, zal het waarschijnlijk dan ook niet lukken om Latijn te leren met behulp van dit boek.

Misschien is het daarom vooral een leuk boekje om te hebben wanneer je ooit Latijn hebt gevolgd. Daarmee wordt het alleen nog steeds geen taal voor iedereen.

Tip de redactie