Uitgebreide studie van het einde van het Imperium Romanum van de befaamde Britse historicus Adrian Goldsworthy.

Goldsworthy heeft een hele reeks indrukwekkende historische werken op zijn naam over Romeinse Rijk. De opkomst van het RR, legendarische Romeinen als Caesar, en diepgravende studies over de Punische Oorlogen en Romeinse krijgskunst.

De man bij uitstek om een boek te schrijven over de ineenstorting van dat Imperium Romanum en vraagtekens te zetten bij de theorieën die in omloop zijn.

200 theorieën

Goldsworthy stelt in een uitvoerig voorwoord dat het boek geen eenduidige oorzaak zal bieden wat de val van het IR precies heeft bewerkstelligd. Er zijn ongeveer 200 theorieën over dit onderwerp in omloop.
Er is ook vertroebeling ontstaan door de vele publicaties waarin het IR met het huidige westerse landen wordt vergeleken, en waarin de oorzaak van de ondergang naar de eigen theorie wordt toegeschreven.

Neutraal

Vanwege deze neutrale – en bescheiden – opstellen is Goldsworthy’s nauwkeurige analyse van de laatste eeuwen van het IR zijn gewicht in goud waard op het gebied van de geschiedschrijving.

Het is een verslag van datgene wat we kunnen weten, wat uit geschriften is overgeleverd en nieuwe kennis die is opgedaan uit nieuwe archeologische vondsten. Vondsten waarnaar Goldsworthy regelmatig verwijst om zijn beweringen te staven.

Invloed

‘De val van Rome’ begint aan het eind van de heerschappij van keizer Marcus Aurelius (161-180), die werd opgevolgd door zijn zoon Commodus. Het IR was toen immens; geen enkele andere macht heeft ooit het gehele Middellandse Zeegebied beheerst.

Het was een hoogontwikkelde beschaving waarin maatschappelijke structuren en rechtssystemen zijn gevormd die tot op de dag van vandaag opgeld doen.

Virtus

Talloze veroveringstochten hebben Rome fortuin, roem en aanzien gebracht, door legioenen die vervuld waren van de archetypische Romeinse ‘virtus’. Op het moment dat ‘De val van Rome’ begint, werden deze Romeinse legers vooral ingezet om alle grenzen van het rijk te bewaken.

De Pax Romana, die onder Augustus (29.v.C) werd ingezet, wankelde door de steeds machtig wordende vijanden. In 476 n.C. waren ze machtig en talrijk genoeg om de kolos de das om te doen.

Wormstekig

De kolos was immers intern al ontkracht, met het politieke systeem als een wormstekige appel. Het IR was moe. Zoveel energie als de oprichting van het IR had verschaft, zoveel energie de instandhouding ervan het vergde.

Goldsworthy besteedt in deze analyse veel aandacht aan de moeizame herstructurering van het klassesysteem, waarin militairen uit lagere rangen konden opklimmen en de senaat de elitaire toga had uitgetrokken. Het leek indertijd een goed idee om veldervaring in te zetten voor bestuurlijke functies, maar met deze militaire anarchie verdween ook het gezag voor de hiërarchie.

Imperium Caesar

De alom verbreide fascinatie voor het grote Rome sprankelde in Goldsworthy’s vorige werken van de pagina’s. De vitale, onwankelbare oerkracht van het Imperium, naar wie iedereen vol bewondering opkeek en waarvoor zelfs voormalige vijanden zich gewonnen gaven, is in De val van Rome een uitgerangeerde rockster die in zijn luxepaleis van vergaarde roem naar een muur vol platina-records zit te staren terwijl de muziek niet meer wil komen.

Het is alsof Caesar zelf model staat voor deze ondergang, en elke dolksteek in het lichaam van de grootste Romein aller tijden een metafoor is voor de slagen die het Imperium in zijn laatste eeuwen toegediend kreeg.

Een steek van de Germanen. Een steek van de Hunnen. Van de Perzen. Van de burgeroorlogen. Van de Goten. Van de christelijke Constantijn. Van incompetente keizers en zelfverrijkende functonarissen. Van barbaarse invasies. Steek na steek na steek en Rome, Caesar, bloedt steeds verder leeg totdat het ten slotte de tuniek over zijn gezicht trekt om onttrokken aan het oog van de omstanders te kunnen sterven.