In deze reisroman onderzoekt Stasiuk de meest onherbergzame plekjes in Oost Europa. Hoe puurder, hoe beter.

Met het boek van Stasiuk kom je in een Europa dat de meeste mensen niet kennen. Gehuchten, dorpen, plaatsen, steden, streken, en zelfs een ministaatje aan de grens van Moldavië dat schijnt te bestaan. Trans-Nistrië. Gelegen tussen de rivieren Dnjestr en de Boeg. Nooit van gehoord.

Medeklinkerland


Maar Stasiuk heeft er een handje van om in dit medeklinkerland deuren te openen die in de regel gesloten blijven. De auteur heeft het observatievermogen van Alain de Botton. Maar waar De Botton een fijnsierlijke diamant is, is Stasiuk een ruwe ertssteen.

Waarheid


Hij zoekt expres de meer gehavende plekken op, op zoek naar puurheid en op zoek naar waarheid. Voor hem ligt waarheid opgesloten in die puurheid, die zich in zijn belevingswereld het beste laat vertalen naar de minst toegankelijke paden waar het leven nog onaangetast is door ´beschaving´. Die intentie wordt nog het beste geïllustreerd in de passage waar Stasiuk op een gebied stuit waar de Habsburgers hun decoratief gepolijste sporen hebben nagelaten.
Die fraai ogende architectuur en aangeknipte tuinen doen Stasium snel een trein nemen om weer onbekende en vergeten dorpen te vinden waar de tijd stil lijkt te hebben gestaan.

Hij maakt vele duizenden kilometers door Oost Europa en beschrijft wat hij ziet met een pracht van een pen. Zelfs de meest haveloze boerderijenclusters met schonkige erfhonden en een vrouw met drie tanden verkrijgen door zijn proza schoonheid.

Onwerkelijk


Stasiuks wereld lijkt bijna onwerkelijk, die mengeling van schoonheid en verval. Maar toch is het Europa waar hij zich beweegt. De dranklokalen waar hij de eigengestookte sterkedrank drinkt (je maag krimpt al samen bij zijn beschrijving) met de plaatselijke bewoners met hun hoestende sigaretten zijn ontelbaar. Overal zoekt hij echt leven en overal weet hij dat ook te vinden.

Kunst


Want naast de façade van een stuk buitenissig Europa kijkt Stasiuk ook wat erachter zit, en zijn observaties en inzichten van het leven an sich zijn indrukwekkend. Een filosoof, socioloog, antropoloog en diepvoelend mens in één. Wat moet hij evenwichtig zijn om zo veel kunst te kunnen ontlenen aan een immens gebied waar de meeste westerlingen (99%) zich al snel uit de voeten zou maken, op zoek naar schone lakens, arirconditioning en een tv.

Stasiuk laat trouwens haarfijn weten hoe veel we daardoor wel niet missen, al is de man verstoken van welke vorm van moralisme dan ook. En zijn intentie om over dit gebied te schrijven is vooral gelegen in het feit dat hij al die gebieden uit Onderweg naar Babadag uit de vergetelheid wil trekken, daarom gaat hij ook zo gedetailleerd te werk. Alsof hij tot in alle facetten de zandloper wil tegenhouden die zoveel menselijke geschiedenis laat eroderen. Mission accomplished, Andrzej.