Een jongeman in de Parijse arbeiderswijk aanschouwt het leven dat voor hem is uitgestippeld, en haakt af.

Pauze speelt zich af in de Parijse banlieus waar auto’s in brand worden gestoken en jongeren de straten onveilig maken. De niet bij naam genoemde hoofdpersoon, laten we hem X noemen, maakt in eerste instantie onderdeel uit van die street gangs.

Zijn vader gaat dag in dag uit naar de fabriek en doet zijn best om hun schamele huishouden in stand te houden. De moeder is overleden, en de twee mannen zijn op elkaar aangewezen.

Monotonie

X ziet hoe zijn vader elke dag hetzelfde ritueel herhaalt. Opstaan, scheren, ontbijten, en dan de deur uit. Tezamen met al die andere mannen en vrouwen die zich elke dag naar die fabriek begeven.

X krijgt kippenvel van de monotonie van hun bestaan, en zoekt zijn afleiding op straat. Totdat ook die bezigheden sleets worden.

Oblomov

Hij trekt op een dag de voordeur achter zich dicht, en sluit zich van de buitenwereld af. Geen gebakkelei meer op straat, geen hangjongeren meer; de enige met wie hij nog contact heeft, zijn z’n vader en zijn vriendinnetje die bij hem over de vloer komt.

X hangt als een Oblomov op de bank, en gaat niet eens meer voor het raam staan zodat niemand hem kan zien. Want met de noorderzon verdwijnen kan de straatcultuur nog wel aan, maar iemand die zich aan hun kringetje onttrekt, ontkent het belang van hun samenzijn en hun existentie, en diegene zal ervoor bloeden.

Dreiging

X heeft het gewaagd om de orde in de kosmos aan te tasten, en Kenig weet die latente dreiging prachtig te verbeelden. Net zoals de haat-liefdeverhouding met zijn vader.

X houdt van de man, die op zijn vriendin na zijn enige sociale band met de mensen is. Hij haat hem echter omdat hij zich zo schaapachtig in de afstompende mal van het arbeidersbestaan laat drukken.

Buitenbeentje

Dat X een creatieve geest is en een buitenbeentje, weet Kenig vanaf de eerste pagina duidelijk te maken. Hij ziet verder dan de meeste mensen, en binnen de kaders van die ongewassen, ongeschoren jongen in een huiskamer schetst Kenig een prachtig beeld van een misnoegde denker met excellerend inbeeldingsvermogen.

Het zijn van die zeldzame boeken waarin er weinig tot niets gebeurt op het gebied van actie, maar het meeste zich in de hoofden van de mensen afspeelt.

Beton

Dat is eens stijl waarmee Kenig in zijn debuutroman Camping Atlantique al de aandacht trok, en die hij nog eens heeft weten te sublimeren in Pauze. Een stijl die in de vertaling ook sterk overeind is gebleven.

Pauze is een trefzekere roman die ondanks het mistroostige thema een warm hart heeft kloppen – want dat Kenig het te doen heeft met het weinig enerverende bestaan van de mensen in de betonnen banlieus, is glashelder met dit 156 pagina’s tellende, literaire protest.

4 sterren