Literaire strip over het van beroemde schrijvers en artiesten vergeven Parijs ten tijde van het interbellum.

Parijs was in de eerste helft van de vorige eeuw, zoals inmiddels welbekend, een duiventil voor Grote Namen die de kunstwereld een nieuw gezicht hebben gegeven. De Franse hoofdstad, en de wijk Montmartre in het bijzonder, was een bolwerk voor kunstenaars, filosofen, denkers en schrijvers.

Film noir

Deze oude, internationaal georiënteerde buurt vormt het decor voor een literair stripboek van Dick Matena. Hij heeft een handvol personages uit deze avant-gardistische scene gelicht, en ingezet als hoofd- en bijpersonages voor een filmnoir-achtige strip.

L'histoire

De twee belangrijkste zijn Ernest Hemingway en Jean-Paul Sartre, en het fictieve verhaal speelt zich af in 1925. Hemingway ontfermt zich over een jonge prostituee, Eva, die wordt mishandeld door haar pooier en bemind door een nog heel jonge Jean Paul Sartre.

Het meisje wordt gered en ondergebracht bij de rijke Gertrude Stein, van wier weelderige onderkomen indertijd dankbaar gebruikt werd gemaakt door berooide artiesten.

Kapstokje

De verwikkelingen rondom Eva zijn eigenlijk niets meer dan een kapstok om een heleboel beroemde namen de revue te kunnen laten passeren, die zich indertijd graag in Parijs ophielden.

Naast Hemingway (zeg maar 'Hem') en Sartre leggen F. Scott Fitzgerald, James Joyce, Picasso, Simone de Beauvoir en Salvador Dalí bliksembezoekjes af in deze strip.

Open terrein

Maar het zijn niet meer dan bliksembezoekjes. Matena heeft enkele karakteristieken van de kunstenaars gebruikt - overmatig drankgebruik, opvliegend karakter, krijgslustigheid, voorliefde voor mooie jonge vrouwen, snobistisch - maar erg diep gaat dit allemaal niet.

Au fond zou elk van deze personages met gemak vervangen kunnen worden door Jan, Piet of Klaas, waardoor er voor wat betreft die Grote Namen toch wel een boel open blijft liggen.

Stijl

De zwart-wittekeningen zijn sterk gearceerd, als haaks op elkaar liggende, donkere weefpatronen. Deze stijl geeft de bonte, kleurrijke periode van het kunstenaarsleven in de Lichtstad een duister aanzien, maar dat is een artistieke vrijheid die Matena zich uiteraard mag veroorloven.

Het is ook die visie die deze literaire strip 3 sterren oplevert, omdat het eigenzinnige perspectief van een kunstenaar altijd interessant is, zeker als het zo consequent wordt doorgevoerd als in Parijs 25/44.

Andermans vleugels

Maar omdat er inhoudelijk zo veel van deze uiterst boeiende periode totaal niet uit de verf komt, noch in verhaallijn noch in tekstballonnetjes (terwijl hier toch kolossale literaire talenten worden opgevoerd) , doet het toch vreemd aan.

En lijkt het gebruik van deze Grote Namen een gratuite move om een doorsnee verhaal op te tillen met andermans vleugels. Dit wordt geïllustreerd door een cameo van De Beauvoir die op één plaatje iets mag mompelen over de oorlog 'ja, vrouwen werden altijd al onderdrukt', daar kun je niet zo veel mee.

Uitgeverij Atlas.