Richard Dawkins - God als misvatting

Nogmaals wijdt Dawkins een heel boek aan religie, een fenomeen dat hij fileert met chirurgische precisie om het daarna zonder pardon door de plee te spoelen.

Dit boek is een nieuwe editie van de eerder met gejubel onthaalde veeg uit de goddelijke pan met dezelfde titel. Dat Dawkins daarop zo veel venijnige reacties heeft gekregen, zoals hij in zijn voorwoord schrijft, heeft hem alleen maar gesterkt in de overtuiging dat hij het bij het bij het rechte eind heeft. Tegen die stelling valt ook weinig in te brengen: als een van de pijlers onder zijn betoog de intolerantie is van religieuzen en hij vervolgens onder intolerante verwensingen wordt bedolven, dienen zijn opponenten hem niet bepaald snugger van repliek.

Overlopers

De wereld is verdeeld in twee kampen; zij die geloven en zij die niet geloven. Overlopers worden aan beide zijden met gejuich onthaald, en het is voor degenen die de stap naar ongeloof overwegen dat Dawkins deze nieuwe editie heeft geschreven. Wie niet lenig genoeg is van geest om op eigen houtje de oversteek te wagen, zou hiermee een steuntje in de rug krijgen.

Plezier

Maar ook voor overtuigde atheïsten is Dawkins' boek een waar plezier om te lezen. Hij heeft niets uit zijn duim gezogen, en stapelt slechts de feiten op elkaar van de ravage die het geloof aanricht. En die goede dingen dan, zoals de waarden? Tja, die kwestie is echter allang onderzocht dus is bekend dat de ethische waarden, die later zijn geadapteerd door de kerk, al eeuwen daarvoor waren ontstaan in vele

gemeenschappen. Alleen werden ethische regels veel later vervat in handboeken die diverse profeten - waar het indertijd van wemelde - claimden als zijnde de woorden van god. Daar geloof je dan in, of je pluist de geschiedenisboeken uit en begrijpt hoe het zit en gelooft dat dus niet.

Respect

Waar Dawkins een dijk van een punt mee maakt, is die issue die 'respect' heet. Voor iemand die is opgegroeid in een tijd waarin geloof een sneue folklore was, een nawee van een tijd waarin er nog geen wetboek was opgesteld voor en door mensen, klinkt dat hoofdstuk als muziek in de oren. Geloof, als het al ter sprake kwam, was een onderwerp voor cabaretiers en fulminerende schrijvers; nu heeft het een sturende factor in de samenleving. Gezien het niveau van de wetenschap en het voor iedereen toegankelijke onderwijs, zouden we volgens Dawkins (en zijn medestanders) toch beter moeten weten. Dan is het lastig respect op te brengen voor iets wat au fond al zo lang is verzand. Dat het respect wordt geëist anders zwaait er wat, helpt natuurlijk ook niet echt om zulks vrijwillig op te brengen.

Gevoelige thema's

Er worden wel meer gevoelige thema's aangesneden in God als misvatting. Dat er bijvoorbeeld geen joodse, christelijke of islamitische kinderen worden geboren. Die kinderen worden zo gemaakt, en Dawkins steekt niet onder stoelen of banken dat hij een gelovige opvoeding als regelrechte indoctrinatie ziet. Ook haalt hij de beweringen zoals over Einstein onderuit, die vaak grif wordt aangehaald door gelovigen dat 'óók hij, die slimme vent, óók hij zat bij ons'. Niet dus, want Dawkins toont aan hoe Einsteins teksten over god uit hun verband zijn gerukt om hem maar vooral in het religieuze kamp te kunnen plaatsen.

Tovenaar

Zo zijn er wel meer wetenschappers die verkeerd geciteerd worden, en Dawkins zet dat allemaal dus even netjes recht. Het zijn geleerden die zich verwonderden over de orde der dingen zonder dat zij die hebben toegeschreven aan een 6-daagse werkweek van een onstoffelijke tovenaar die zich daarna in geen velden of wegen meer heeft laten zien. Hiaatje is dat Dawkins hier niet Archimedes aanhaalt, die immers een van de eersten was om zijn bewondering voor de orde in de kosmos in kaart te brengen; zijn kennisoverdracht was als een eerbetoon aan die kosmos en zeker niet uit religieuze overwegingen dat één iemand dit alles zou hebben geschapen.

Ellendeling

Dawkins kan écht uithalen, en god omschrijven als een megalomane, harteloze, homofobe, vrouwonvriendelijke et cetera et cetera zak ellende, maar nog altijd zou dat geen argument voor gelovigen moeten zijn om in een stuip te schieten. Immers, deze perceptie vloeit regelrecht voort uit wat mensen zelf van de monotheos gebakken hebben. Het zijn mensen (mannen) geweest die hun denkbeelden en gedachten en overtuigingen hebben neergepend, in die dwingende handvesten die later als heilige geschriften de geschiedenis hebben getekend. En het zijn mensen geweest die er op hun eigen manier mee aan de haal zijn gegaan (zoals in Goya's Ghosts - zie dvd-rubriek).

Het is Dawkins (en elke andere atheïst) een raadsel waarom zo veel mensen zich per se willen blijven vastklampen aan de bewering dat dit goddelijk ingegeven woorden waren. Enige logica zit er wel in als je bedenkt dat er structuur moest worden aangebracht in een tijd waarin mensen evolueerden van territoriaal beest naar een socialer homo sapiens. Maar daar er inmiddels een wetboek is waarin dit allemaal keurig en zo rechtvaardig mogelijk is opgelost…

Griezelig

Enfin, u vat Dawkins bedoeling wel. Maar het blijft schrikken als je de reacties leest die hij op zijn ideeën heeft gekregen. In elk geval reacties waarin hem veel pijn, marteling, vuur, kwelling, leed en meer fraais wordt toegewenst, waarop hij reageert met een verbaasd 'al dit vanwege een theologisch geschil'. Erg griezelig en alweer geen pluspunt voor de fanatiekelingen die menen een uit de hemel gezonden koerier te moeten spelen en Dawkins tot de orde te roepen. Daar komen alleen maar nog meer van zulke boeken van.

Uitgeverij Nieuw Amsterdam.
Oorspronkelijke titel: The God Delusion.


Facebook & Twitter

Facebook & Twitter
Volg het nieuws van NU.nl/Entertainment ook op Facebook en Twitter

NUwerk

Tip de redactie