Op 4 oktober 1957 kon de wereld dit horen: "bliep bliep … bliep bliep … bliep bliep". Enzovoorts. Het waren de geluidjes uit de ruimte van het eerste object dat in een baan rond de aarde was gebracht door de Russische wetenschappers onder leiding van het genie Koroljov.

Dit moment, dat vorige week in Amsterdam groots werd gevierd met diverse evenementen waaronder een ruimtegala in het Planetarium van Artis, markeerde het begin van een tijdperk waardoor de aarde nooit meer dezelfde zou zijn: de ruimtevaart.

Prestigeslag

De Koude Oorlog wordt door de meeste mensen herinnerd als een duistere tijd tussen twee grootmachten. Echter, hun wederzijdse drive om het machtigste wapenarsenaal te construeren, leidde tevens tot een prestigeslag die de ruimtevaartwetenschap een enorme zet in de rug heeft gegeven. Aan zowel Amerikaanse als aan Russische zijde waren wetenschappers ingeschakeld om hun bazen de dodelijkste speeltjes in handen te geven, maar ondertussen werkten beiden aan hun eigen agenda: het veroveren van de ruimte.

Eagle

Aan Amerikaanse zijde stond de overgelopen v/h SS-officier Werner von Braun aan het hoofd van het team. Aan Russische zijde de wetenschapper die na een gevangenschap van 10 jaar uit de Goelag-archipel werd gehaald, Sergei Koroljov. De verbetenheid van beide heren en consorten leidde ertoe dat de machthebbers naast budgetten voor wapens ook uiteindelijk een budget voor ruimtereizen vrijmaakten.

Maar dat proces ging uiterst moeizaam: pas toen de staatshoofden van respectievelijk de VS en de CCCP in de gaten kregen wat een fenomenale prestigeslag het zou kunnen zijn om als eerste de ruimte in te gaan, kwam het ruimteprogramma echt van de grond. De Russen waren er als eerste bij met de Spoetnik en de eerste bemande ruimtevlucht (met kosmonaut Gagarin). Maar de Amerikanen staken als eerste de vlag in de maanbodem nadat, zoals inmiddels met de historische woorden is beschreven, 'the Eagle had landed'.

Compleet

Piet Smolders schrijft al vijftig jaar over ruimtevaart, was aanwezig bij diverse raketlanceringen en is kind aan huis op internationale ruimtevaartcentra. Deze uitgave staat boordevol anekdotes over zijn leven in het centrum van de ruimtevaart, en de man kan er smakelijk over vertellen. Onze eigen kosmonaut André Kuipers - al net zo'n toegewijde ruimtefanaat - schreef het voorwoord.

Het boek - 257 pagina's, hardcover - is prachtig kleurrijk geïllustreerd met tekeningen, foto's, kaarten, archiefmateriaal van historische momenten, portretten, kortom: de 50 jaar ruimtevaart is door Smolders beeldrijk, soepel, encyclopedisch aangepakt.

Ruimtetoerisme

Ook gunt de auteur ons een kijkje in de toekomst van de ruimtevaart, in een van de laatste hoofdstukken 'De ruimte wordt van ons'. Plannen over bemande vluchten naar Mars schat hij op het jaar 2030. Mits men stevig in ruimtevaart blijft investeren. Wellicht dat de situatie op de aardse planeet er uiteindelijk net zo toe zal nopen als tijdens de Koude Oorlog om de plannen in de vierde versnelling te zetten. Ecologische motieven, ruimtekolonies, wie zal het zeggen.

Dit boek laat in elk geval zien welke mogelijkheden er zijn na de eerste halve eeuw dat in dit vloeiend geschreven verslag is samengevat. Tip: ruimtetoerisme - boek een kaartje - kan meehelpen om de financiële afdeling wat sneller rond te krijgen.


Uitgeverij: House of Knowledge.