Fairstein maakt opnieuw de New-Yorkse openbaar aanklager Alexandra Cooper tot hoofdpersoon. Met Bad Blood duikt Cooper letterlijk de diepte in, want de ondergrondse infrastructuur van de Big Apple is een crime scene

Alexandra Cooper (Alex voor vrienden, Coop voor haar collega's) is een zondagskindje. Haar voorland heeft goed geboerd, zodat ze zich een prachtige loft aan Central Park kan veroorloven.

Haar jeugd bracht ze door in the Hamptons (het Aerdenhout van de East Coast)en haar educatie ontving zij op peperdure privé-scholen. Voor het geld hoeft ze niet te werken, dus Coops toewijding aanhaar carrière is pure gedrevenheid.

Overdrive

Dankzij die drive loste Coop in Fairsteins vorige boek Death Dance een serie moorden op in het New-Yorkse revuecircuit. De glitters en lovertjes uit dat circuit zijn in Bad Blood ver te zoeken. De frictie zit ditmaal in de Amerikaans-Ierse kringen, van wie er velen hun werk ondergronds verrichten.

Geen maffia, maar echt ondergronds: in de waterwereld van tunnels, aquaducten, riolen en leidingen waarlangs de New-Yorkse bevolking van hun belangrijkste bestaanselement worden voorzien.

Ruwe bolster, Ierse pit

Zoals Robert Harris in Pompeji al uiterst competent schreef over de oude Romeinse waterwegen, heeft ook Fairstein zich voor Bad Blood uitermate kundig geïnformeerd over haar onderwerp.

In duizelingwekkende paragrafen begeven Coop en de recherche zich in claustrofobisch ondergrondse sferen waar een moord is gepleegd. De sporen leiden naar een ruwe Ierse bonk die al zo ongeveer zijn hele leven in het onderaardse heeft doorgebracht.

Moord twee

Analoog aan die moordzaak is er een bovengrondse die niet hemelsbreder kon verschillen van het Ierse arbeiderscircuit. Het betreft de dood van een steenrijke socialite die ver beneden haar stand getrouwd was met de ambitieuze broer van de Ierse arbeider.

Terwijl Coop probeert te bewijzen dat de echtgenoot de schuldige is, raakt zij zelf steeds verder verstrikt in de oude vetes van de Amerikaans-Ierse arbeiders.

Kroonprins-materiaal

Naast deze prettig in elkaar geknoopte moordzaken, is Bad Blood tevens een ontdekkingsreis in de New-Yorkse geschiedenis van de waterbouwkunde.

Fairstein beschrijft de historie van de immigratie begin 20ste eeuw van Italianen en Ieren naar New Jersey, die naast veel penoze de belangrijkste bijdragen leverden aan de aanleg van tunnels en stuwdammen om het eiland Manhattan met het vaste land te verbinden. Deze thriller zou daarmee ook prachtig op het nachtkastje van onze kroonprins passen.

Uitgeverij: Nilsson & Lamm.