Zedendelinquenten konden mogelijk in kinderopvang werken door fout justitie
Door een fout van de Justitiële Informatiedienst hebben honderden mensen in de taxibranche of de kinderopvang gewerkt terwijl zij mogelijk geen vog (verklaring omtrent het gedrag) hadden moeten krijgen. Daardoor konden mogelijke zedendelinquenten in de kinderopvang blijven werken.
Dat staat in een brief die demissionair staatssecretaris van Rechtsbescherming Teun Struycken vrijdagavond aan de Tweede Kamer heeft gestuurd.
Sinds 2018 is relevante informatie over 705 mensen niet bij de juiste instanties terechtgekomen. Die informatie had ertoe kunnen leiden dat hun vog niet verlengd zou worden.
Van deze 705 personen werken er nog altijd 302 in de kinderopvang en 175 in de taxibranche. 335 van hen hadden mogelijk geen vog mogen krijgen op verdenking van een overtreding en 142 vanwege een mogelijk misdrijf.
In zes gevallen gaat het om een mogelijk zedendelict: drie verdachten werken in de kinderopvang en drie in de taxibranche. In vijf gevallen gaat het om verdenkingen die niet tot vervolging hebben geleid. Van de 101 mogelijke misdrijven door kinderopvangmedewerkers zijn er inmiddels 96 beoordeeld. In één geval is een werknemer op non-actief gesteld.
"Mensen in kwetsbare posities, onder wie kinderen, lopen hierdoor mogelijk risico's", schrijft Struycken, die de situatie "zeer ernstig" noemt. Er zouden inmiddels maatregelen zijn genomen waardoor de Justitiële Informatiedienst (Justid) de juiste informatie weer doorgeeft.
Eerdere fouten bij Justid
Justid kan niet achterhalen of alle relevante informatie vóór 2016 wel bij de juiste autoriteiten is terechtgekomen. De gegevens uit de jaren 2016 en 2017 zijn wel te achterhalen, maar dat proces zou "complex en tijdrovend" zijn. Struycken zegt hierover voor het zomerreces te rapporteren.
