OM eist taakstraf tegen Kamerambtenaar voor lekken over onderzoek naar Arib
Uit telefoongegevens blijkt dat verdachte Sonja K. in september 2022 op loopafstand van de NRC-redactie in Amsterdam was op de dag waarop de krant 's avonds over het onderzoek naar Arib publiceerde. K. was destijds persvoorlichter van toenmalig Kamervoorzitter Vera Bergkamp.
Donderdagochtend legde K. in de rechtbank in Den Haag haar verklaring af. Tot die tijd zweeg ze over de zaak. Ze ontkent het lek te zijn.
K. zegt dat ze niet in de buurt van de NRC-redactie was voor een afspraak met een journalist, maar om te ontspannen. Aan collega's had ze gemaild dat ze die middag naar huis was voor haar dochter. "Een smoesje" noemde ze het. Het OM noemt het "liegen".
Volgens het OM, dat zich op getuigenverklaringen baseert, heeft K. in een vergadering voorgesteld om de informatie bij journalisten onder de aandacht te brengen. K. ontkent en noemt het voorstel "een gebbetje". "Over zoiets strafbaars zou ik nooit lekken", zei ze.
Arib claimt schadevergoeding
Advocaat Robert Malewicz pleit voor vrijspraak van de voormalige ambtenaar. Hij stelt dat het goed mogelijk is dat Kamerleden de informatie hebben gelekt. Maar het OM is niet bevoegd om politici hierover te verhoren.
Het OM had eerder een hoge ambtenaar in de Kamerorganisatie als verdachte aangemerkt, maar had onvoldoende bewijs om die verdenking voort te zetten.
Oud-Kamervoorzitter Arib woonde de zitting donderdag bij en vraagt een schadevergoeding van 1.500 euro vanwege emotionele schade door media-aandacht voor het onderzoek naar haar werkwijze. De rechtbank doet op 12 juni uitspraak.
Het is uitzonderlijk dat een Kamerambtenaar voor de rechter staat vanwege het lekken van informatie. In politiek Den Haag komt regelmatig vertrouwelijke informatie naar buiten, maar onderzoeken naar de herkomst ervan leveren vaak weinig tot niets op. In dit geval is ook een van de betrokken journalisten gehoord, maar die heeft gezwegen in het kader van bronbescherming.
