Eerste onderzoek toont geen mond-en-klauwzeer aan bij geïmporteerde kalveren
In de eerste bloedmonsters van 3.600 geïmporteerde kalveren uit Brandenburg is geen mond-en-klauwzeer aangetroffen. Volgens landbouwminister Femke Wiersma zijn er op dit moment geen signalen dat dieren in Nederland aan deze ziekte lijden.
Wiersma baseert zich op de eerste 125 onderzochte bloedmonsters van de geïmporteerde kalveren, schrijft ze woensdag in een brief aan de Tweede Kamer.
Bij 3.400 van de 3.600 kalveren is nu bloed afgenomen. Ze staan verspreid over 125 bedrijven. Geen van de dieren heeft MKZ-verschijnselen.
Volgens Wiersma zijn de bloedmonsters aan het einde van de week compleet. De komende dagen zullen steeds meer testuitslagen beschikbaar komen.
Ook bloedmonsters die in verband met blauwtong zijn genomen, worden onderzocht. De resultaten daarvan verwacht Wiersma eind deze week.
Minister heeft 100.000 noodvaccins besteld
Naast de 3.600 kalveren zijn na 1 december ook 6 volwassen runderen vanuit Brandenburg naar vier Nederlandse boerderijen vervoerd. Ook zijn 125 schapen naar één bedrijf gebracht. De afgelopen anderhalve maand zijn er geen varkens vanuit Brandenburg naar Nederland gekomen.
Als op een boerderij MKZ is geconstateerd, wordt het vee op boerderijen in een straal van 2 kilometer gevaccineerd. Daardoor hoeven niet-besmette dieren niet preventief geruimd te worden. De minister heeft honderdduizend van deze noodvaccins besteld. De fabrikant kan ze binnen zes dagen leveren.
Nadat eind vorige week in Duitsland MKZ was ontdekt, zit de schrik er goed in bij Nederlandse boeren. Ze zijn extra voorzichtig en doen er alles aan om eventuele verspreiding van het MKZ-virus te voorkomen. De gedachten van veel boeren gaan ook terug naar 2001. Toen moesten na een MKZ-uitbraak 270.000 dieren preventief worden geruimd.

