Limburg wil dat Limburgse taal in 2030 zelfde status krijgt als het Fries
De provincie Limburg wil dat haar taal in 2030 dezelfde status krijgt als het Fries. Voor de promotie van de taal wordt jaarlijks 1,1 miljoen euro uitgetrokken. De Provinciale Staten van de provincie nemen op 13 december een besluit over het voorstel.
Op dit moment heeft het Limburgs een deel II-erkenning volgens het Europese handvest voor regionale talen en talen van minderheden. Met een deel III-erkenning wordt een taal beschermd en bevorderd door middel van maatregelen.
Het Fries is momenteel de enige regionale taal in Nederland met deze status. Daardoor kan bijvoorbeeld Fries worden gesproken in de rechtszaal.
Het provinciebestuur gaat ervoor zorgen dat het gebruik en de zichtbaarheid van het Limburgs in 2027 al sterk zijn verbeterd, staat in het plan van de Gedeputeerde Staten van Limburg. Voor het plan is uitgebreid gesproken met experts en ging een delegatie politici op werkbezoek naar de provincie Friesland.
In 2019 werd het Limburgs al erkend als streektaal, naast het Nedersaksisch. Daardoor kunnen de provincie en gemeenten zelf beleid voeren om de taal te bevorderen. Een hogere status betekent meer geld vanuit het Rijk om het Limburgs te stimuleren.
Eerder dit jaar was er al succes voor de Limburgse taal. Eind juni werd de streektaal samen met het Papiaments opgenomen in Google Translate. In 2003 werd een hbo-cursus Limburgs Dialect in het leven geroepen vanuit de ambitie het Limburgs dezelfde status te geven als het Fries.

