Tot half jaar cel voor Roemenen die schapen slachtten in Gelderland en Overijssel
Twee Roemenen zijn door de rechtbank in Arnhem veroordeeld voor het slachten van schapen in weiden in Gelderland en Overijssel. Een 46-jarige man krijgt zes maanden cel en zijn 38-jarige vrouw moet voor vijf maanden de gevangenis in.
Schapenhouders troffen tussen februari 2020 en maart 2022 in Aalten, Olst, Wilp, Deventer, Holten en Bathmen resten van schapen aan. In totaal zouden meer dan twintig schapen zijn geslacht, maar de Roemenen zijn alleen veroordeeld voor de dieren die in juli 2020 in Wilp en in maart 2022 in de gemeente Deventer zijn gedood.
De politie kwam de 38-jarige vrouw op het spoor dankzij een DNA-spoor op een achtergebleven poot van een ram in Wilp. Haar DNA-profiel zat al in een databank door een eerdere veroordeling wegens diefstal. Volgens de rechter is hiermee bewezen dat de Roemeense bij de slacht aanwezig was.
"Het schaap was hoogstwaarschijnlijk niet verdoofd en het kan niet anders dan dat dit bij het schaap veel angst en pijn veroorzaakte. Ook had de slachting een grote impact op de schapenhouders", stelt de rechtbank in het vonnis.
Verdachten waren niet bij zitting en zijn onvindbaar
De vondst van restanten van schapen in de wei in Deventer in maart 2022 leidde de politie naar de woning van de 46-jarige man. Daar troffen agenten grote hoeveelheden schapenvlees aan. Er was een match tussen het schapenvlees in de woning en de restanten die in de wei waren gevonden.
De man verklaarde dat hij twee schapen had geslacht en het vlees van één dier had meegenomen om op te eten. Hij is daarnaast schuldig bevonden aan diefstal van messenslijpers bij een slager in Kootwijkerbroek. De politie vond de zogeheten slijpstalen bij de doorzoeking van zijn woning.
Beide verdachten waren niet bij de strafzaak aanwezig. Ze staan niet meer in Nederland ingeschreven en zijn onvindbaar voor justitie. Ze moeten allebei schadevergoedingen van bij elkaar bijna 5.000 euro betalen aan de eigenaren van de schapen.
