Opschalen rond ArenA zorgde voor minder agenten bij klimaatprotest A12
Er zijn woensdag minder agenten dan normaal ingezet rond het klimaatprotest van Extinction Rebellion in Den Haag, omdat de politie de mensen nodig had rond de Johan Cruijff ArenA in Amsterdam. Daar speelde Ajax tegen Feyenoord.
"Daar waren ook mijn mensen. Het is kiezen of kabelen", zei de burgemeester van Den Haag, Jan van Zanen, woensdag in een commissie van de gemeenteraad van Den Haag. Eerder was nog onduidelijk waarom in Den Haag minder agenten werden ingezet.
Volgens Van Zanen is "het einde bereikt" van wat de politie aankan. "De continuïteit van politiewerk in Nederland staat onder druk. Als er in een andere gemeente iets is waarvoor ondersteuning moet komen en die is er niet, is dat niet acceptabel. Zo'n risico kan ik niet nemen", stelt de burgemeester.
Van Zanen zegt dat hij daarom moet kiezen hoeveel politie wordt ingezet bij de blokkades. "Ik kan er niet langer mijn verantwoording voor nemen dat de blokkades elke dag meteen worden opgedoekt, hoewel ik dat wel graag zou willen. We moeten kiezen. Het is niet gratis."
In Amsterdam werd woensdag De Klassieker tussen Ajax en Feyenoord, die zondag werd gestaakt, uitgespeeld. Het gebied rond de Johan Cruijff ArenA werd uitgeroepen tot veiligheidsrisicogebied. Onder meer de mobiele eenheid (ME) was aanwezig.
Protest in Den Haag anders dan voorgaande dagen
De negentiende dag van de dagelijkse blokkade van Extinction Rebellion verliep daardoor anders. De kleinere club agenten liet de actievoerders begaan. Eerder hield de politie de activisten steeds tegen op het stuk weg naast het Malieveld en kwamen ze de tunnel niet in.
Tientallen demonstranten konden daardoor woensdag het wegdek van de A12 op. De klimaatactivisten konden daardoor doorlopen naar de tunnelbak, waar een groot deel van hen op de grond ging zitten of liggen.

