Provincie is Chemours-fabriek zat: 'Maar hebben ons te houden aan de wet'
De provincie Zuid-Holland blijft worstelen met Chemours. De provincie wil de chemische fabriek in Dordrecht het liefst harder aanpakken, maar loopt daarbij tegen de juridische grenzen aan.
"We kunnen de vergunning niet intrekken zonder grote financiële gevolgen. Er zijn geen juridische gronden waarop de vergunning ingetrokken kan worden", verzuchtte gedeputeerde Frederik Zevenbergen.
Zowel Zevenbergen, verantwoordelijk voor de vergunningverlening aan Chemours, als zijn collega Meindert Stolk (Toezicht en Handhaving) zag woensdag talloze vragen op zich afgevuurd over de fabriek.
"Waarom sluit je de tent niet gewoon? Waarom verschuilt de overheid zich achter wetten en protocollen? Zijn er mogelijkheden om de uitstoot naar nul te brengen?" De strekking was duidelijk: vrijwel alle Statenleden zijn het zat en vinden dat Chemours moet stoppen met het uitstoten en lozen van schadelijke pfas.
Pfas is een verzamelnaam voor allerlei stoffen die niet afbreken. Ze worden gebruikt bij het maken van bijvoorbeeld antiaanbaklagen of regenjassen. Maar ze kunnen kanker veroorzaken en de vruchtbaarheid aantasten.
'We hebben ons te houden aan de wet'
"We staan naast u in dit dossier. Maar we hebben ons te houden aan de wet", antwoordde Zevenbergen. "We doen ons uiterste best met de mogelijkheden die we nu hebben."
Om de uitstoot van pfas verder aan banden te leggen, scherpte de provincie eerder al de vergunning van Chemours aan. Maar het bedrijf ging naar de rechter en kreeg gelijk.
De provincie ging in hoger beroep, maar die zaak loopt nog. Stolk zei dat hij er rekening mee houdt dat het wachten op die uitspraak misschien nog wel een jaar duurt.
Zevenbergen zegde toe dat Zuid-Holland externe experts gaat inschakelen. Die moeten kijken of de provincie de vergunning van Chemours alsnog kan intrekken.
Gedeputeerden Meindert Stolk (links) en Frederik Zevenbergen tijdens de vergadering over Chemours. | Beeld: ANPProvincie controleert Chemours vijftig keer per jaar
In de tussentijd doet de provincie wat ze kan. Bij de milieudienst van de provincie werken vijftien mensen aan het dossier-Chemours.
De uitstoot en lozingen van de fabriek worden meer dan vijftig keer per jaar gecontroleerd. Bij andere bedrijven is dat een of twee keer per jaar.
De grens van het redelijke is wel voorbij
Eerder deden duizenden omwonenden al aangifte. Ze houden de fabriek verantwoordelijk voor het in gevaar brengen van de gezondheid van talloze mensen.
'Zoeken naar wat meer kan'
"Als je ziet hoeveel geld en capaciteit we hiervoor vrijmaken, zijn we de grens van het redelijke wel voorbij", vond gedeputeerde Stolk. Daarmee doelde hij op de vijftien mensen die de fabriek in de gaten houden.
Dat de provincie Chemours direct een last onder dwangsom oplegde en niet eerst een waarschuwing gaf, was volgens Stolk een teken "dat we aan het zoeken zijn naar wat meer kan".
Maar die zoektocht moet wel zorgvuldig worden doorlopen, gaven de gedeputeerden aan. Chemours vecht vrijwel elk besluit dat de fabriek beperkt aan bij de rechter. Tot nu toe kreeg de fabriek daar dus grotendeels gelijk in.

