Gemeenten moeten 1.500 opvangplekken voor Oekraïense vluchtelingen regelen
Nederlandse gemeenten moeten deze maand vijfhonderd extra opvangplekken voor Oekraïense vluchtelingen regelen. Per 1 oktober moeten daar nog eens duizend plekken bij komen, meldt het Veiligheidsberaad vrijdag.
De 25 veiligheidsregio's in Nederland hebben het verzoek gekregen om het aantal opvangplekken flink te vergroten. Met de 1.500 extra plekken moet het totale aantal opvangplekken op 90.000 uitkomen. Uiteindelijk moet dat stijgen naar 97.000 plekken.
"Er wordt nu al enorm hard gewerkt om het benodigde aantal plekken te realiseren. Maar als het nodig is, en dat is het, gaan we ons uiterste best doen voor nog meer", zegt Wouter Kolff, voorzitter van het Veiligheidsberaad en burgemeester van Dordrecht.
De opvanglocaties lopen dan ook snel vol. In Nederland staan nu iets meer dan 98.000 Oekraïense vluchtelingen geregistreerd. Momenteel hebben noodopvanglocaties ruim 81.000 bedden beschikbaar. Daarvan zijn ruim 80.000 in gebruik.
Oekraïners vallen onder andere regeling
Volgens Kolff komen Oekraïners graag naar Nederland. "De combinatie van leefgeld, mogelijkheid tot werken en gratis opvang maakt dat wij een aantrekkelijker land zijn om naar toe te komen dan andere Europese landen."
Eerder onderzoek wees uit dat het asielbeleid Nederland niet aantrekkelijker maakt voor vluchtelingen dan andere landen. Oekraïners vallen in Nederland onder een andere regeling dan vluchtelingen uit andere landen. Zij vallen onder de Richtlijn tijdelijke bescherming. Daardoor hoeven zij tijdelijk geen asiel aan te vragen, maar krijgen ze wel bescherming.
Dat geldt sinds 4 september niet meer voor derdelanders. Dat zijn mensen uit het buitenland die in Oekraïne woonden en ook voor de oorlog moesten vluchten. De rechter moet nog beslissen of Nederland hun verblijfsvergunning mag beëindigen.


