Politie schendt recht op privacy en demonstratie, zegt Amnesty
De Nederlandse politie schendt het recht op privacy van demonstranten, stelt Amnesty International. Volgens de mensenrechtenorganisatie komt dit doordat de bevoegdheden die de politie gebruikt te vaag zijn geformuleerd.
Demonstranten vinden politieoptredens intimiderend en voelen zich belemmerd om te demonstreren. Na onderzoek stelt Amnesty International ook dat er nauwelijks toezicht is op de manieren waarop de politie surveilleert.
Volgens de organisatie is dit in strijd met het recht op privacy en het demonstratierecht. Daarnaast zet de politie drones in om tijdens demonstraties toezicht te houden, en vertelden demonstranten dat de politie huisbezoeken doet voor voordat een demonstratie plaatsvindt.
Amnesty International wil dat de "ongeoorloofde surveillance van vreedzame demonstranten" stopt en alleen wordt ingezet bij vermoeden van "een serieus strafbaar feit". De organisatie vindt ook dat de politie zich beter moet richten op haar taak, namelijk "het faciliteren van een demonstratie in goed overleg en vanuit vertrouwen".
Risico op machtsmisbruik
Directeur Dagmar Oudshoorn vindt dat de politie te ruime bevoegdheden heeft om zelf te bepalen wie ze controleert tijdens demonstraties. "Hierdoor ontstaat er groot risico op willekeur, discriminatie en machtsmisbruik", waarschuwt ze.
Voor het rapport heeft de organisatie onder meer documenten opgevraagd bij gemeenten en politie over surveillances tijdens demonstraties. Vijftig demonstranten zijn gevraagd naar de manieren waarop ze in de gaten worden gehouden tijdens acties en welke invloed dit op hen heeft.
Amnesty International kijkt sinds 2016 hoe in Nederland wordt omgegaan met demonstranten. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij acties van Extinction Rebellion. Bij de actie van afgelopen zaterdag werden meer dan 1500 demonstranten opgepakt. De meeste mensen worden niet vervolgd.
