Rechten gezinnen bij uithuiszettingen onvoldoende beschermd
Ondanks het verbod op huisuitzettingen, raken veel gezinnen toch dakloos. Hun rechten worden onvoldoende beschermd, stelt een rapport van de Nationale ombudsman en de Kinderombudsman dinsdag.
De uithuisplaatsingen kunnen het gevolg zijn van onder meer een huurachterstand of overlast door (drugs)criminaliteit.
Gezinnen die dakloos dreigen te raken, worden aan hun lot overgelaten. Zij zijn zelf verantwoordelijk voor het zoeken van een nieuwe woning en krijgen daar geen hulp bij.
Daarmee schiet de overheid tekort, stelt het rapport. De rechten van gezinnen die gedwongen het huis worden uitgezet, worden onvoldoende beschermd. Dat heeft grote gevolgen voor de ontwikkeling van kinderen en de waardigheid van hun ouders.
Volgens Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer denkt de overheid nog te vaak dat het "de eigen schuld van het gezin is". Daardoor komen gezinnen er alleen voor te staan.
'Kinderen zijn onzichtbaar bij uithuiszettingen'
"En als er wel hulp komt van gemeenten, belanden gezinnen vaak langdurig in allerlei tijdelijke woonoplossingen. Dan wordt hun leven overleven en kunnen zij niet aan hun toekomst werken. Deze mensen ervaren enorm veel stress en zijn dan feitelijk dakloos. De overheid voldoet daarmee niet aan haar zorgplicht", stelt Nationale ombudsman Reinier Van Zutphen.
Volgens Kalverboer zijn kinderen bij huisuitzettingen onzichtbaar. "Er wordt nooit met kinderen gepraat, ze krijgen geen ondersteuning en ze worden niet voorbereid op hun toekomst". Ze stelt dat de impact van huisuitzettingen juist voor kinderen enorm is.
Ze roept samen met Van Zutphen op tot een beter beleid, een betere informatievoorziening en het verankeren van de rechten gezinnen bij een huisuitzetting in de wet. "Huisuitzettingen zullen altijd een nare ervaring zijn, maar de overheid speelt een cruciale rol bij het verzekeren van de toekomst van deze gezinnen", aldus Van Zutphen.
