Schatzoekers negeren verbod en graven toch naar mogelijke nazischat Ommeren
Schatzoekers zijn zaterdag toch gaan graven in het Betuwse Ommeren in de hoop een mogelijke nazischat te vinden. De gemeente Buren, waar Ommeren onder valt, heeft mensen afgeraden om te zoeken naar de schat in de buurt van het kleine dorpje. Het is gevaarlijk en bovendien is het in de gemeente verboden om een metaaldetector te gebruiken.
De politie is aanwezig en kijkt op afstand toe. Wel zijn inmiddels negen waarschuwingen uitgedeeld.
Eerder deze week werd een heuse schatkaart ontdekt in het Nationaal Archief. De schat zou aan het einde van de Tweede Wereldoorlog zijn begraven door soldaten. Zij zouden sieraden, edelstenen, gouden horloges en munten in munitiekistjes hebben begraven.
Het Nationaal Archief gaf de kaart vrij en iedereen kon afbeeldingen van de kaart vinden. Daarop trokken schatzoekers naar Ommeren in de hoop de nazischat te vinden.
De schatkaart van de vermeende nazischat. | Beeld: ANP'Zoeken is daar gevaarlijk vanwege onontplofte bommen'
De gemeente Buren drong er vrijdag nogmaals op aan niet te komen zoeken. "Deskundigen wijzen erop dat het gebied dicht bij de frontlinie uit de Tweede Wereldoorlog ligt. Het zoeken is daar gevaarlijk vanwege mogelijk onontplofte bommen, landmijnen of granaten."
Het is overigens zeer onwaarschijnlijk dat er iets wordt gevonden. Er is na de oorlog al meerdere keren driftig maar vergeefs naar de schatten gezocht, ook met detectoren in de wijdere omgeving.
De oorspronkelijke bron van het verhaal, een meubelmaker uit de Duitse stad Baden-Baden die in Velp als parachutist voor het Duitse leger actief was, is er in 1947 nog aan te pas gekomen om de Nederlandse autoriteiten aanwijzingen te geven. Het leverde allemaal niets op.
Het is de vraag of zijn verhaal een verzinsel was of dat anderen de schatten hebben opgegraven.

