Eerste apenpokkenprikken gezet, maar werking vaccin pas in september bekend
Bijna 5.500 Nederlanders zijn tot dusver gevaccineerd tegen apenpokken. Maar onderzoekers kunnen op zijn vroegst pas in september iets zeggen over de effectiviteit van het vaccin. Dat verwacht viroloog Marion Koopmans van het Erasmus MC.
Het ziekenhuis van Koopmans volgt honderd mensen die onlangs zijn ingeënt tegen de apenpokken. Zij krijgen een doorontwikkelde variant van een middel dat tot 1974 werd gebruikt tegen 'gewone' pokken. Het nieuwe vaccin heet Imvanex.
Het vaccin is tot dusver nog maar weinig ingezet in de Afrikaanse landen waar het apenpokkenvirus al langer rondgaat. Daardoor is er weinig informatie over hoe goed het werkt bij een besmetting met het apenpokkenvirus. En dat is zonde, zegt Koopmans. "Want er is weinig vaccin beschikbaar, dus je moet zorgen dat je er wel wat van leert. Weg is weg."
In Nederland krijgen mensen twee prikken. Er zit een maand tussen de eerste en de tweede prik. De onderzoekers willen erachter komen of het uitmaakt of mensen al een 'oud' pokkenvaccin hebben gehad. Ook wordt bekeken of de tweede prik echt voor een grotere reactie van het lichaam zorgt, aldus Koopmans.
Ook onduidelijkheid over hoelang vaccin kan beschermen
Of het vaccin ook op de langere termijn effectief is en of het mensen dus blijvend kan beschermen, valt volgens de viroloog nog lang niet te zeggen. Daarvoor is een groter en langduriger onderzoek nodig.
In Nederland kunnen enkele tienduizenden mensen het vaccin tegen apenpokken krijgen. Transgender personen en mannen die seks hebben met mannen komen in aanmerking voor de prik als zij hiv-positief zijn of als zij medicijnen nemen om te voorkomen dat zij hiv oplopen.

