Een negenkoppige delegatie van de Tweede Kamer is zaterdag begonnen aan een negendaags werkbezoek aan Suriname, Curaçao en Bonaire. De Kamerleden van verschillende fracties onder leiding van Kiki Hagen (D66) gaan het koloniaal verleden van Nederland onderzoeken. De reis is een voorbereiding op het herdenkingsjaar 2023.

Nederland maakte in 1863 officieel een einde aan de slavernij. In de praktijk waren de tot slaaf gemaakte mensen pas tien jaar later vrij. In 2023 is die daadwerkelijke vrijheid 150 jaar geleden.

De Kamerleden bezoeken in de drie landen plekken die van belang waren tijdens de koloniale geschiedenis van Nederland. Voorbeelden zijn plantages. Ook spreken ze met wetenschappers, nazaten van tot slaaf gemaakten en volksvertegenwoordigers.

Zo staat in Suriname een ontmoeting met president Chan Santokhi op het programma. De Kamerleden van de commissie Binnenlandse Zaken voeren ook gesprekken met de Surinaamse commissie Slavernijverleden en het Nationaal Comité Herdenking Slavernijverleden.

Coalitiepartij VVD doet niet mee aan het werkbezoek. De partij zegt tegen de NOS geen meerwaarde te zien in een reis naar de drie landen. De andere coalitiepartijen D66, CDA en ChristenUnie hebben wel een vertegenwoordiger gestuurd.

Nederlands slavernijinstituut: 'Historisch bezoek'

De Kamer heeft rond het Nederlands slavernijverleden het Nationaal instituut Nederlands slavernijverleden en erfenis (NiNsee) benaderd voor advies. Voorzitter Linda Nooitmeer van het instituut is positief over het werkbezoek, laat ze weten aan NU.nl.

"Het is een goed signaal dat deze Kamerleden voor het dossier slavernijverleden naar Suriname, Curaçao en Bonaire afreizen", zegt Nooitmeer. "Het systeem van slavernij is in het verleden namelijk ingericht met toestemming van de voorloper van het huidige parlement. In die zin is dit werkbezoek ook een historisch bezoek."

Wat Nooitmeer betreft, moet het Nederlandse slavernijverleden "met reparaties worden hersteld". Volgens de NiNsee-voorzitter moet dat ook gebeuren in de landen waar het systeem van slavernij door Nederland is ingericht.

De Surinaamse Nationale Reparatie Commissie is voorstander van schadevergoeding voor de slavernij. Dat zei de voorzitter donderdag tegen de Surinaamse nieuwssite Starnieuws. De commissie geeft tijdens het werkbezoek een presentatie aan de Kamerleden.

Nederland legt op Curaçao krans bij herdenking slavenopstand 1795

Op Curaçao woont de delegatie op 17 augustus de herdenking bij van een slavenopstand in 1795. De opstand onder leiding van de tot slaaf gemaakte Tula werd met veel geweld neergeslagen. Tula werd gemarteld en vervolgens vermoord. Hagen zal tijdens de herdenking namens Nederland een krans leggen.

Op Bonaire staan onder meer gesprekken met de Eilandsraad en de Dialooggroep Bonaire Slavernijverleden op het programma.

Excuses van grote steden, banken en provincie maar nog niet van Nederland

Amsterdam, Rotterdam en Utrecht hebben excuses gemaakt voor het slavernijverleden. De Nederlandsche Bank deed op 1 juli hetzelfde tijdens de Nationale herdenking van het slavernijverleden. President Klaas Knot zei tijdens de herdenking tegen NU.nl dat de gevolgen van de slavernij ook merkbaar zijn in het heden.

Ook op 1 juli bood Noord-Holland als eerste provincie excuses aan. ABN AMRO deed dat enkele maanden eerder.

De Nederlandse Staat heeft nog geen excuses aangeboden. Wel zei de Nederlandse regering in 2013 'spijt en diep berouw' te hebben over de slavernij.

Tijdens de nationale herdenking in juli zei minister Franc Weerwind (Rechtsbescherming) dat 2023 "het jaar zal zijn waarin we de verandering waar we zo lang mee bezig zijn, duurzaam gaan verankeren".

Hij beloofde ook dat het kabinet nog voor 2023 met een reactie komt op het rapport Ketenen van het Verleden. Daarin roept het Adviescollege Dialooggroep Slavernijverleden de Nederlandse Staat ertoe op excuses aan te bieden voor zijn Nederlandse slavernijverleden.