Huisartsenactiegroepen zijn al lange tijd boos op de minister van Volksgezondheid Ernst Kuipers. Vandaag stuurden ze hem een zelfgecreëerde motie van treurnis over het extra werk dat op hun bord komt bij de nieuwe coronavaccinatierondes. Het is de zoveelste keer dat de beroepsgroep botst met wensen van het kabinet. Welke zorgen spelen er allemaal bij de huisartsenpraktijken en waar zijn de huisartsen precies boos over?

De huisartsen zijn dit keer boos omdat zij 'zonder overleg' geconfronteerd worden met extra werk. Minister Kuipers kondigde in juli aan dat alle 12-plussers vanaf half september een nieuwe coronaprik kunnen krijgen. Maar mensen met bijvoorbeeld een hoger medisch risico zijn als eersten aan de beurt. Huisartsen moeten van Kuipers die selectie maken. De Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) protesteerde wel, maar zonder het gewenste resultaat.

Als reactie op het besluit sturen actiegroepen Help de Huisarts en De Bevlogen Huisartsen nu dus een brandbrief. Ze willen dat de minister in gesprek gaat met onder meer de LHV om "te zorgen voor juiste tijdlijnen en goede randvoorwaarden". De kritiek is fors: "Er is voor huisartsen besloten dat zij midden in de zomerperiode hiervoor tijd moeten vrijmaken. Het onbegrip over deze respectloze manier van doen is groot."

Het raakt een gevoelige snaar bij huisartsen waarmee het kabinet al jaren speelt: de hoge werkdruk. Huisartsen hebben het gevoel dat zij continu taken erbij krijgen, zonder dat er iets wegvalt.

Extra problematisch daarbij is het aantal huisartsen in Nederland: er is al jaren een tekort. Begin 2020 werden in meerdere steden zelfs een patiëntenstop ingezet vanwege het tekort aan praktijken.

Het percentage huisartsen zonder eigen praktijk groeit.

Het percentage huisartsen zonder eigen praktijk groeit.
Het percentage huisartsen zonder eigen praktijk groeit.
Foto: ANP

Frustrerend voor de huisartsen is dat het nieuwe werk vooral veel administratie betekent. Ook voor de nieuwe klus zullen de huisartsen veel achter de computer moeten plaatsnemen. Die tijd willen zij liever besteden aan het verlenen van zorg.

De branche vermoedt dat huisartsen inmiddels ruim 40 procent van hun tijd besteden aan "administratieve en organisatorische wissewasjes". Ook daarbij wordt met een boze blik gekeken naar het kabinet, dat continu "omslachtigheden opstelt en regels verandert".

De huisartsen zijn ook de dupe van een overbelast zorgsysteem. Zo wachten op dit moment bijvoorbeeld ruim 80.000 mensen op een aanmeldgesprek of een behandeling bij de ggz. Meer dan de helft van alle wachtenden, zo'n 42.000 van hen, wacht langer dan de afgesproken norm van 14 weken, zo blijkt uit data van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Zorgwekkend is dat veel wachttijden langer zijn dan in het begin van het jaar.

Op de website van de Rotterdamse afdeling van de LHV trokken ruim duizend huisartsen in juni aan de bel. Zo zouden veel mensen die wachten op hulp van de ggz in de tussentijd een beroep doen op de huisarts, wat de praktijken met extra werk opzadelt.

Met deze kleine kwalen gaan mensen het meest naar de huisarts
68
Met deze kleine kwalen gaan mensen het meest naar de huisarts

De procedures rond het doorverwijzen naar specialisten zijn ook tegen het zere been van huisartsen. "Door wachtlijsten moet een doorverwijzing vaak aangepast worden", zei initiatiefnemer van de bovengenoemde website, Shakib Sana in juni. Sana noemde als voorbeeld dat een huisarts een patiënt kan doorverwijzen naar de oogarts. Als daar een specialistische behandeling wordt geadviseerd, moet de huisarts een tweede, nieuwe verwijsbrief maken. "Anders wordt de zorg niet vergoed."

Door alle problemen dreigt een troebel toekomstperspectief. Zo bleek uit onderzoek van De Groene Amsterdammer en Trouw dat nog geen 20 procent van de huisartsen in Nederland verwacht over vijftien jaar dat beroep nog uit te oefenen. Van de 620 ondervraagden vindt negen op de tien een gemiddelde werkweek van 59 uur te zwaar.

Veel jonge huisartsen proberen aan de werkdruk van een eigen praktijk te ontkomen door als zzp'er te werken. Op de manier hebben ze meer invloed op hun werktijden. Waar in 2010 'slechts' 10 procent van de huisartsen zzp'er was, nam dit percentage in 2019 al toe tot 20 procent.

Minister Kuipers heeft meermaals laten weten dat hij de werkdruk van de huisartsen wil verminderen. Zo zou de beroepsgroep veel minder bezig moeten zijn met administratieve lasten, vindt de voormalig bestuursvoorzitter van het Erasmus MC. "Huisartsen moeten de tijd en ruimte hebben voor waar het in dit prachtige vak om gaat: goede zorg voor de patiënt", beaamt Kuipers.

Maar van veel eerder gemaakte afspraken om de huisartsenzorg te ontlasten, kwam volgens de LHV tot nu toe weinig terecht. Op 1 juli kwamen daarom duizenden huisartsen, doktersassistenten en praktijkondersteuners bijeen op het Malieveld in Den Haag. De grens was volgens hen toen al bereikt.

Duizenden huisartsen protesteren tegen hoge werkdruk
51
Duizenden huisartsen protesteren tegen hoge werkdruk