Biseksuele vrouwen worden vaker slachtoffer van seksueel geweld dan lesbische en heteroseksuele vrouwen, blijkt dinsdag uit de LHBT-monitor van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Een harde verklaring is er niet, maar stereotypes lijken een belangrijke rol te spelen. Die hebben waarschijnlijk ook weerslag op de gezondheid van deze groep.

Ook bij lesbische en homoseksuele personen komt seksueel geweld vaker voor dan bij heteroseksuele personen. Maar biseksuele vrouwen zijn er het vaakst slachtoffer van. Hun situatie is de afgelopen jaren niet verbeterd. 16 procent van hen geeft aan dit in het afgelopen jaar te hebben meegemaakt, tegenover 8 procent van de lesbische en 5 procent van de heteroseksuele vrouwen.

"Er is een vooroordeel dat biseksuele mensen met iedereen naar bed willen", verklaart Tessel ten Zweege, een biseksuele vrouw die slachtoffer werd van seksueel geweld. "Sommige mensen denken dat biseksuele personen altijd seksueel gewillig zijn en lijken daardoor te vergeten dat wij ook grenzen hebben."

Ten Zweege werd slachtoffer in een relatie. Haar partner was buitensporig jaloers door de opvattingen die hij over haar biseksualiteit had. "Met die stereotypes probeerde hij het geweld vervolgens goed te praten."

Weinig onderzoek naar onderliggende oorzaak

Of stereotypes echt ten grondslag liggen aan het seksueel geweld, is niet met zekerheid te zeggen. Er is namelijk weinig onderzoek naar gedaan.

Onderzoekers noemen wel als mogelijke verklaring het 'biseksueel stigma', iets wat het verhaal van Ten Zweege ondersteunt. Mensen hebben inderdaad verschillende aannames over biseksuele personen, bijvoorbeeld dat ze met iedereen seks zouden willen hebben. Daardoor zouden hun grenzen minder serieus kunnen worden genomen.

Jaren na haar relatie besloot Ten Zweege haar verhaal op te schrijven in het boek Dat zou jij nooit toelaten, verweven met wetenschappelijke artikelen. Voor dat boek sprak ze biseksuele vrouwen die ook zeiden dat hun grenzen niet altijd worden gerespecteerd. "Als vrouwen in een club zoenen, vragen mannen soms of ze mee mogen doen. Of er wordt zonder toestemming een foto gemaakt."

Ook op gebied van welzijn kwetsbaar

Maar niet alleen de cijfers over seksueel geweld zijn zorgelijk. Biseksuele personen hebben over het algemeen een kwetsbare positie als het gaat om hun welzijn. Ze zijn drie keer vaker psychisch ongezond en hebben ruim twee keer zo vaak last van depressies dan heteroseksuele personen, zo blijkt uit het SCP-rapport.

Ook hier zijn nog geen harde verklaringen voor. Volgens het SCP zou het onder meer te maken kunnen hebben met dubbele minderheidsstress: afwijzing en discriminatie omdat zij niet aan de heteroseksuele norm voldoen, én omdat zij niet aan de monoseksuele norm voldoen.

Volgens Ten Zweege kan het ook een gevolg zijn van de vooroordelen waar biseksuele personen mee te maken krijgen. "Je krijgt het gevoel dat je seksualiteit niet bestaat of mag bestaan."

De Rijksuniversiteit Groningen en Rutgers brachten vorig jaar het eerste grote onderzoek uit naar bi+-personen in Nederland. Dat is een bredere term: hieronder vallen alle mensen die seksuele en/of romantische gevoelens of ervaringen hebben, gericht op mensen van meer dan één geslacht of gender. In dat onderzoek werd duidelijk dat deze groep inderdaad veel met vooroordelen te maken krijgt.

Bijna de helft van de bi+-deelnemers maakte mee dat mensen denken dat hun seksuele oriëntatie tijdelijk is. Een derde van de bi+-mensen uit het onderzoek ervaart regelmatig dat mensen denken dat zij ontrouw zijn.

Ten Zweege ondervond dat ook in haar relatie. "Als ik bij een vriendin bleef slapen, dan vond hij het eigenlijk niet kunnen. Hoe moest hij nou zeker weten dat ik niet met haar naar bed ging?"

Toen ze na haar relatie hulp zocht, voelde ze zich ook niet altijd begrepen. "Er is eigenlijk geen specifieke aandacht voor biseksualiteit in de hulpverlening. Je bent als bi-persoon kwetsbaarder voor geweld, maar je komt in dezelfde molen als heteroseksuele personen terecht."

Hoe kan de positie van bi+-personen worden verbeterd?

  • Volgens Jantine van Lisdonk van belangenorganisatie Bi+ Nederland is het de hoogste tijd dat er groot onderzoek wordt gedaan naar wat de cijfers verklaren. Zo kan het probleem beter worden aangepakt.
  • Ook is er volgens haar veel te behalen op het gebied van zichtbaarheid. Dat begint volgens haar op school. "Er is steeds meer aandacht voor homoseksualiteit, maar bi+-mensen blijven onderbelicht. Dat terwijl deze groep andere behoeften heeft, omdat ze aanlopen tegen de norm van monoseksualiteit en andere vooroordelen."
  • Ook in de hulpverlening moeten volgens haar stappen worden gezet. Bij Bi+ Nederland komen regelmatig verhalen binnen van mensen die zich niet begrepen voelen. "Als de vraag van een hulpverlener is: val je op mannen of op vrouwen? Dan kan dat meteen al een reden zijn waardoor bi+-mensen kunnen denken: bij deze hulpverlener kan ik mijn verhaal niet doen."
  • Naar aanleiding van het rapport gaan Bi+ Nederland en belangenorganisatie COC intensiever samenwerken. Ze pleiten onder meer voor betere wettelijke bescherming van bi+-personen, specifieke aandacht voor bi+ op school en aandacht voor bi+-personen in de hulpverlening.