De twee mannen die dinsdagochtend met een lesvliegtuigje neerstortten in het Zwarte Meer tussen Flevoland en Overijssel zijn overleden. Dat bevestigt Veiligheidsregio Flevoland aan NU.nl na berichtgeving van Omroep Flevoland.

De inzittenden waren een 63-jarige instructeur van vliegschool Zelf Vliegen en een 24-jarige leerling-vlieger van de pilotenopleiding van Transavia, bevestigt de woordvoerder van de luchtvaartmaatschappij.

De vliegschool laat weten dat het gaat het om een "zeer ervaren" vlieginstructeur. De leerling-vlieger was volgens Transavia "toe aan het praktijkgedeelte van de vliegopleiding".

De vliegopleiding van Transavia bestaat uit een deel theorie, een deel simulatorvliegen en een praktijkgedeelte. Transavia verzorgt de opleiding en huurt de instructeurs in voor het praktijkgedeelte, laat de woordvoerder weten.

Transavia heeft in gesprek met Omroep Flevoland bevestigd dat het gaat om een toestel van de Lelystadse vliegschool Zelf Vliegen, waarmee onder meer toekomstige piloten van Transavia worden opgeleid. Ook werd het toestel gebruikt voor particuliere lessen.

Slachtoffers nog niet geborgen

De slachtoffers zitten nog vast in het vliegtuig, aldus een woordvoerder. Het is lastig om het vliegtuig boven water te krijgen. Daarom wordt er zwaarder materiaal ingezet.

Het toestel zou om 10.44 uur vanaf Lelystad Airport zijn opgestegen, blijkt uit nog onbevestigde data van RadarBox, een website waarmee vliegtuigen gevolgd kunnen worden. Volgens die gegevens gaat het om een Blackshape Gabriél-toestel.

Vanwege het incident werden onder meer duikteams uit Flevoland en Overijssel opgeroepen. De kustwacht liet weten ook te helpen, evenals de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij (KNRM).