Steeds meer meldingen over probleemplant Japanse duizendknoop
Het aantal meldingen over de Japanse duizendknoop is in de afgelopen jaren flink toegenomen, blijkt uit een analyse op basis van cijfers van Waarneming.nl. De snelle groei en makkelijke verspreiding van de plant vormen grote problemen in Nederland. De plant is namelijk erg moeilijk te bestrijden en kan veel schade aanrichten aan funderingen, wegen en riolering.
Ten opzichte van vorige jaren nam het aantal meldingen landelijk flink toe. Alleen al dit jaar (tot eind mei) kwamen bijna anderhalf keer zo veel meldingen binnen als in de eerste maanden van vorig jaar.
Chris van Dijk, plantendeskundige en onderzoeker aan Wageningen University, zegt dat de plant al langer wijdverspreid is in Nederland. Volgens hem is het goed dat er meer melding van wordt gemaakt. Hoe meer mensen op de hoogte zijn van de probleemplant, hoe beter de verspreiding ervan kan worden ingeperkt.
De Japanse duizendknoop kan worden herkend aan frisgroene bladeren. In het voorjaar hebben ze een rode nerf. De stengel is groen met rode stipjes en hol. In het najaar, van augustus tot oktober, heeft de duizendknoop witte bloemen.
De plant richt schade aan door via bestaande scheuren in beton, metselwerk of asfalt omhoog te groeien. De scheuren kunnen hierdoor groter worden. Ook kan de omliggende grond omhoog geduwd worden. De Japanse duizendknoop is een invasieve exoot en verdringt al woekerend andere planten die hier oorspronkelijk groeien. De soort is in 1823 uit Japan geïmporteerd.
Invasieve exoot wordt vaak onbewust verspreid door mensen
"De Japanse duizendknoop wordt alleen door mensen verspreid, dieren dragen er niet aan bij", aldus plantendeskundige Van Dijk. Vaak vindt de verspreiding per ongeluk plaats. "Er wordt veel gegraven in de Nederlandse grond. Als in de afgegraven grond een klein stukje wortel zit en deze grond ergens anders wordt gebruikt, is de plant zo verspreid."
Het helpt volgens Van Dijk als mensen de invasieve exoot eerder herkennen, zodat ze beter weten wat ze ermee moeten doen. Zo leidt het wegmaaien van de plant soms alleen maar tot verdere verspreiding. Ook is het belangrijk dat het plantafval niet bij het tuinafval maar bij het restafval wordt gegooid, om te voorkomen dat de plant zich verder verspreidt.
Dennis Geraerts van bestrijdingsbedrijf Geraerts-Someren zegt dat de plant ondanks zorgvuldige verwijdering vaak weer terugkomt. "Het uitputten van de plant is de enige manier om ervanaf te komen. Je moet bezig blijven om de plant helemaal uit te roeien."


