Slechts zes op de tien Nederlanders is positief over 'genderdiversiteit', zoals het bestaan van transgender of non-binaire personen. Dat is al een meerderheid, maar nog niet genoeg, vindt Transgender Netwerk Nederland (TNN). Wat merken trans personen van deze beperkte acceptatie? Een overzicht (en een oplossing).

Bijna een op de tien ouders zou bijvoorbeeld niet willen dat zijn/haar kind een trans persoon als leraar heeft. Dat blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), gepubliceerd op de Internationale Dag tegen Homofobie, Bifobie, Transfobie en Interseksefobie (IDAHOBIT). Ter vergelijking: 5 procent is tegen een homo- of biseksuele leerkracht.

Het gebrek aan acceptatie is te merken op het werk: "Trans mensen krijgen vaak te maken met pesterijen en uitsluiting." Dat zegt Brand Berghouwer, voorzitter van TNN. "Een deel heeft daarbij het idee dat het voor hen lastiger is een baan te vinden vanwege hun genderidentiteit."

Onderzoek van de Universiteit voor Humanistiek in samenwerking met TNN bevestigt dat beeld. Van de 312 transgender personen die deelnamen, gaf een kwart aan te maken te hebben gehad met discriminatie bij werving en selectie. Discriminatie op de werkvloer komt nog vaker voor: 35,2 procent gaf aan dit te hebben ondervonden.

Ook meldingen over huiselijk geweld komen vaak terug. Daarbij gaat het om lichamelijke, seksuele en psychische geweldsvormen in huiselijke of familiekring. In een onderzoek van TNN gaf ruim 40 procent van de ondervraagde transgender personen aan hiervan slachtoffer te zijn.

"Het verontrustende is dat veel trans mensen huiselijk geweld niet herkennen", zegt Berghouwer. "Een ouder of partner die je verbiedt om je anders te kleden of in transitie te gaan, valt daar bijvoorbeeld ook onder."

Berghouwer heeft zelf te maken gehad met discriminatie in de zorg. Hij diende daarom een klacht in bij het College van de Rechten van de Mens omdat hij met 'gewone' lichamelijke pijnklachten verwezen werd naar psychische hulp op de afdeling voor genderdysforie. Het College gaf hem vorige week gelijk.

Onderzoek van de European Union Agency For Fundamental Rights laat zien dat Berghouwer niet de enige is. Een zesde van de ondervraagden meldde incidenten als ongepaste nieuwsgierigheid van hulpverleners. Ook zeggen transgender personen onder druk te worden gezet om psychologische tests te ondergaan.

Het aantal meldingen van discriminatie stijgt al vier jaar en is waarschijnlijk slechts een fractie van wat er echt gebeurt. In 2020 kwamen er bijna 150 meldingen binnen bij TNN en antidiscriminatiemeldpunten van gemeentes. De politie houdt er geen cijfers over bij. "Het is het topje van de ijsberg", zegt Berghouwer.

De meldingsbereidheid is volgens hem laag. "Een deel van de trans personen heeft het gevoel dat ze het over zichzelf hebben afgeroepen omdat ze er wat anders uitzien. Of ze slikken het in omdat ze denken dat het erbij hoort."

Daarbij kost het indienen van een klacht volgens hem veel tijd en energie. "Je moet daar maar net de kracht voor hebben.

Berghouwer sprak onlangs een trans vrouw die op straat werd belaagd. Ze wil geen melding doen omdat ze eerder na een incident - waarbij zware voorwerpen naar haar werden gegooid - niet goed werd geholpen. "De politie zei tegen haar: 'Het is handig als je de volgende keer een video maakt.' Dat terwijl ze op dat moment alleen maar aan haar eigen veiligheid dacht."

Toch zijn er ook oplossingen: de politiek kan de veiligheid van trans personen beter in de wet verankeren, oppert Berghouwer. Dat Nederland op dit gebied op achterstand is geraakt, bleek donderdag uit de Europe Rainbow Index. Nederland blijft steken op de dertiende plaats in Europa van landen die lhbtiq+-mensenrechten goed regelen, terwijl ons land eerst tot de wereldwijde top behoorde.

Als voorbeeld noemt Berghouwer de aanpassing van de transgenderwet, die nu bij de Tweede Kamer ligt. Het doel van die wetswijziging is om het gemakkelijker te maken voor mensen om de geslachtsaanduiding waarmee zij geregistreerd staan in de Basisregistratie Personen, te wijzigen.

Verder kan educatie en zichtbaarheid ook bijdragen aan de emancipatie van transgender personen. "Er zijn steeds meer zichtbare rolmodellen, zoals vorig jaar het eerste transgender Kamerlid", zegt Simon Timmerman, adviseur inclusie en diversiteit bij kennisinstituut Movisie."Ik denk dat het belangrijk is dat die zichtbaarheid op meer plekken komt, bijvoorbeeld specifieke aandacht in lokaal beleid in gemeenten en in de zorg."

Op die plekken moet volgens hem een inclusief beleid worden vormgegeven, waarbij specifiek aandacht is voor transgender personen en waar zij ook zelf bij worden betrokken. "Zij weten tenslotte het beste wat de behoeften van de gemeenschap zijn. Bij het vormgeven van beleid praat je niet over mensen, maar met mensen."

Tot slot kunnen mensen ook individueel aan de emancipatie van transgender personen bijdragen, benadrukt Timmerman. "Als je een transfobische grap of opmerking hoort: laat van je horen. Het is gewoonweg niet oké, zeer pijnlijk en we houden daarmee vooroordelen in stand."

Waarom worden trans personen (nog) minder geaccepteerd dan homo’s en bi’s?

  • Volgens Brand Berghouwer kunnen mensen zich minder goed in transgender personen verplaatsen. "Bijna iedereen kan zich inbeelden hoe onvrij het is voor mensen van hetzelfde geslacht om niet hand in hand te kunnen lopen. Het gevoel dat jouw gender niet past bij het geslacht wat je hebt meegekregen, is veel minder herkenbaar."
  • Simon Timmerman: "We leven in een wereld die nog veel te vaak en onnodig is ingericht op man en vrouw. Dat iemand zich soms niet thuis kan voelen bij diens geslacht, wordt daardoor door veel mensen nog vaak lastig gevonden."