Rechter geeft asielzoeker gelijk: dwangsom bij traag asielbesluit blijft
Het moet voorlopig mogelijk blijven voor een rechter om een dwangsom aan de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) op te leggen, als de dienst niet op tijd een besluit neemt in een asielprocedure. Dat heeft de rechtbank in Gelderland vrijdag geoordeeld in een zaak die was aangespannen door een asielzoeker.
Het vorige kabinet voerde een tijdelijke wet in om de dwangsommen af te schaffen, maar wordt nu teruggefloten door de rechtbank. Rechters kunnen een asielzoeker nu wel in het gelijk stellen, maar hebben vervolgens geen "stok achter de deur" om het vonnis af te dwingen, vindt de rechtbank.
Volgens de rechtbank hoeft deze "stok achter de deur" niet per se een dwangsom te zijn, maar in de tijdelijke wet hebben het kabinet en de Tweede Kamer "onvoldoende in een alternatief voorzien". Hierdoor "herleeft de oude situatie en kan de rechtbank als niet tijdig is beslist op de asielaanvraag een dwangsom aan de uitspraak verbinden", concludeert de rechtbank.
De rechter bepaalde vrijdag dat de IND binnen acht weken een besluit moet nemen over de aanvraag van de asielzoeker die de zaak aanspande. Gebeurt dit niet, dan moet per dag dat de termijn overschreden wordt een dwangsom van 100 euro worden betaald, met een maximum van 7.500 euro.
Het vorige kabinet maakte een einde aan de dwangsommen vanwege grote achterstanden in de asielketen. De overheid was in 2020 op een gegeven moment 1 miljoen euro per week kwijt aan dwangsommen, tot grote ergernis van de regering en de Tweede Kamer.
