Thijs H. deels ontoerekeningsvatbaar: 22 jaar cel en tbs voor drie moorden
Thijs H. is volgens het gerechtshof in Den Bosch schuldig aan drie moorden op willekeurige slachtoffers en moet daarvoor 22 jaar de cel in en een tbs-behandeling ondergaan. Ondanks de psychische problemen van de man zijn de daden hem deels aan te rekenen, zo oordeelde het hof donderdag.
De straf valt hoger uit dan de achttien jaar cel en tbs die de rechtbank had opgelegd, maar is een stuk lager dan de dertig jaar cel en dwangverpleging die het Openbaar Ministerie (OM) had geëist.
Het hof vertelde dat de uitspraak hoger uitvalt dan die van de rechtbank omdat met achttien jaar cel onvoldoende recht zou worden gedaan aan de ernst en de gruwelijkheid van de feiten.
In een tijdsbestek van vier dagen stak de nu dertigjarige H. begin mei 2019 drie mensen dood. Het waren wandelaars die hij trof in Den Haag en op de Limburgse Brunssummerheide. Hij maakte de slachtoffers naar eigen zeggen in opdracht van stemmen, anders zou zijn familie iets overkomen.
Twee deskundigen van het Pieter Baan Centrum (PBC), waar H. werd geobserveerd, oordeelden dat hij met een psychose kampte. Deze conclusie werd in hoger beroep tegengesproken door twee experts. Het hof ziet voldoende bewijs dat H. inderdaad leed aan een psychische stoornis, maar dat hij tijdens zijn daden wist dat wat hij deed strafbaar was.
H. was in staat overwegingen te maken
Het hof zei dat er voldoende bewijs is dat H. zijn daden niet pleegde vanuit een plotselinge gemoedsopwelling, maar dat er weloverwogen keuzes aan voorafgingen. Zo deed H. zijn telefoon uit zodat hij niet getraceerd kon worden en woog hij af wie zijn slachtoffers zouden worden. Zo besloot hij een man met een herdershond niet aan te vallen, omdat hij dat gevecht niet kon winnen.
Juist die overwegingen van H. hebben het hof ervan overtuigd dat hij niet volledig in een psychose handelde. Hoewel hij naar eigen zeggen de opdracht kreeg te moorden, bepaalde hij zelf de plaats, de tijd en wie hij neerstak, aldus het hof.
De advocaten van H., Job Knoester en Serge Weening, reageerden teleurgesteld op de uitspraak. Het verbaast hen dat het hof tegen het advies van deskundigen van het PBC is ingegaan.
Na overleg met H. werd besloten om de uitspraak van het hof aan te vechten bij de Hoge Raad. De advocaten zeggen meerdere aanknopingspunten te hebben om in cassatie te gaan.
"We hebben een aantal zaken gehoord waarvan wij denken: hier is het hof uitgegleden", aldus Knoester in reactie op de uitspraak. "Wat ik volledig mis, is de uitleg van het hof voor de keuze om van de adviezen van deskundigen af te wijken. Verdachten kunnen in de toekomst beslissen niet mee te werken aan deskundigenrapporten, als rechters toch afwijken van de adviezen in de rapportages."
Nabestaanden zijn justitie dankbaar
Twee van de nabestaanden lieten via hun advocaat Sébas Diekstra weten dat de uitspraak nog even bij hen moet landen. "Maar uit hun eerste reacties komt naar voren dat zij met de opgelegde gevangenisstraf, vooral ook door de duidelijke motivering van het gerechtshof, goed kunnen leven", aldus Diekstra.
Zij spreken daarnaast hun waardering uit voor het OM en de politie.

