De jaarlijkse kikkerdriltelling is dit weekend van start gegaan. Vier weken lang kunnen liefhebbers op zoek naar de drillerige eiklompen van de bruine kikker. Door de zachte winters ontwaken de amfibieën tegenwoordig eerder uit hun winterslaap en kunnen bezitters van een tuinvijver nu al eiklompen vinden.

Volgens Nature Today beginnen bruine kikkers tegenwoordig een week eerder met paren dan begin jaren tachtig, toen de vorst nog langer aanhield. Gemiddeld werden eiklompen toen op de 97e dag van het jaar waargenomen, op 7 april. Die datum is vervroegd naar dag 90, rond 31 maart.

Kikkers overwinteren op vorstvrije en beschutte plekjes, om bij warmer weer tevoorschijn te komen. Door de zachte winters is dit steeds vroeger in het jaar het geval. Wel verschilt de gemiddelde eilegdatum van de bruine kikker per jaar enorm doordat deze sterk afhangt van de strengheid van de winter.

Als de kikker midden in de winter ontwaakt, bestaat het risico dat er nog niet voldoende eten is. Afgezien daarvan zijn de omstandigheden goed voor de bruine kikkers, aldus RAVON, de stichting die zich inzet voor de bescherming van reptielen, amfibieën en vissen. Andere gevaren uit de jaren zeventig en tachtig zijn namelijk juist gaan liggen, zoals zure regen.

Voor de telling is het van belang dat vrijwilligers het aantal eiklompen tellen en niet het aantal eitjes. Dat laatste is nagenoeg onhaalbaar aangezien elke klomp uit 1.000 tot 2.500 eitjes bestaat. Omdat voor elke eiklomp twee kikkers nodig waren, vertelt de hoeveelheid kikkerdril maal twee hoeveel kikkers er in een vijver leven.