Komende week laat de zon zich in eerste instantie weinig zien, maar blijft het wel droog. Dat verandert ongeveer halverwege de week, wanneer het wisselvallig wordt met zowel zonneschijn als regen.

De week begint droog, al is de lucht heel vochtig. Dat betekent dat bij opklaringen gemakkelijk mist kan ontstaan. Door het gebrek aan wind blijft die mist op enkele plekken ook lang hangen.

Waar de mist wel oplost, gaat die over in laaghangende bewolking, waar de zon nauwelijks doorheen weet te breken.

De temperaturen blijven overdag door de mist steken op 2 tot 3 graden. Als de mist optrekt en de zon doorbreekt, kan dat oplopen naar 6 graden. 's Nachts is het juist andersom. Dan wordt het onder de bewolking 2 tot 4 graden, maar daalt het kwik bij opklaringen en mist tot rond het vriespunt.

Vanaf donderdag weten storingen ons land te bereiken. De kans op mist neemt af, maar daar komt wisselvallig weer voor terug. Daarbij kan het een keer goed doorregenen, maar komt ook vaker de zon tevoorschijn. Ook kan het vanaf dat moment in het hele land een stuk meer gaan waaien.

Het wisselvallige weer in de tweede helft van de week gaat gepaard met relatief hoge temperaturen. De maxima liggen vanaf donderdag veelal tussen 7 en 9 graden, enkele graden hoger dan gebruiken voor eind januari. De kans op vorst in de nachten is voorlopig heel klein.