In wateren over de hele wereld liggen ruim zestienhonderd Nederlandse scheepswrakken, blijkt uit een nieuwe inventarisatie. Het gaat om gezonken, gevonden en soms nog altijd vermiste schepen van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), de West-Indische Compagnie (WIC), de admiraliteiten, de Koninklijke Marine en schepen uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog.

Na onderzoek onder leiding van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is er voor het eerst een duidelijk beeld ontstaan van de omvang van het aantal Nederlandse scheepswrakken. Het gaat om een eerste inventarisatie aan de hand van verschillende archieflijsten en inventarisaties.

In 2016 kwam er politieke aandacht voor het erfgoed onder water. Toen bleek dat er weinig meer over was van de drie oorlogsschepen die waren gezonken tijdens de Slag in de Javazee in 1942. Ze waren illegaal geborgen om het ijzer van de wrakken te verkopen.

"Een gevoelige kwestie", legt onderzoeker Martijn Manders uit. "Het zijn immers oorlogsgraven." Meer dan negenhonderd zeelieden gingen ten onder toen de schepen zonken. Na de ontdekking van de vergane schepen gaf de Tweede Kamer opdracht tot deze inventarisatie.

Een onderzoek in 2019 naar twee Nederlandse onderzeeboten die in 1941 in Maleisië waren gezonken, toonde aan dat ook deze wrakken door uitgebreide illegale berging zo goed als verdwenen waren.

Wrakken vertellen hoe mensen leefden en handelden

Nu de onderzoekers in kaart hebben gebracht hoeveel scheepswrakken er in de wateren liggen, kan Nederland kijken hoe die beschermd kunnen worden. "Als we claimen dat iets Nederlands is, moeten we er ook zorg voor dragen", aldus Manders.

Behalve de eigendomsvragen komen ook andere verhalen boven water. "Bij opgravingen op het land vinden we spullen die mensen weggooiden. Spullen in scheepswrakken laten juist zien wat mensen vroeger gebruikten." Bovendien verklappen de materialen aan boord wat de zeventiende-eeuwse koopvaarders verhandelden. "We kunnen precies achterhalen uit welk Afrikaans land een lading ijzer in het scheepsruim komt."

De wrakken zijn online te zien. Binnenkort begint Manders met zijn team aan een nieuw onderzoek naar de Nederlandse vliegtuigwrakken.