Van alle slachtoffers van mensenhandel wordt de helft binnen zeven jaar opnieuw slachtoffer van een misdrijf, concludeert Herman Bolhaar, de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Slachtoffers moeten volgens hem "echt beter en actief beschermd worden om herhaling of erger te voorkomen", zegt Bolhaar in de jaarlijkse Slachtoffermonitor mensenhandel 2016-2020.

Slachtoffers en daders zijn vaak jong. Vooral minderjarigen lopen het risico opnieuw slachtoffer van een misdrijf te worden. Andere groepen die kwetsbaar zijn voor mensenhandel, zijn arbeidsmigranten en migranten van buiten de Europese Unie die naar Nederland komen, maar hier geen verblijfsstatus hebben. De coronacrisis en de maatregelen hebben deze groepen verder geïsoleerd en extra kwetsbaar gemaakt.

Om te voorkomen dat slachtoffers van mensenhandel opnieuw getroffen worden, moet er in de hulpverlening meer aandacht komen voor de omstandigheden waaronder de uitbuiting plaatsvindt en de problemen waarmee het slachtoffer te maken heeft.

"Of slachtoffers de juiste hulp krijgen, hangt af van zaken als verblijfsstatus, woonplaats en leeftijd. Maar hulp moet juist aansluiten bij de behoeften van de slachtoffers", zegt Bolhaar.

Minder meldingen in 2020, maar ook minder opsporing

In 2020 waren er in Nederland 984 meldingen over mensenhandel. Dat was een daling ten opzichte van 2019, toen er 1.334 meldingen waren. De verminderde reisbewegingen en de beperkingen in de opsporing en signalering als gevolg van de coronamaatregelen lijken daarvoor gezorgd te hebben, is in het rapport te lezen.

Dat is zeker terug te zien in de cijfers over slachtoffers van criminele uitbuiting en seksuele uitbuiting van mensen zonder Nederlands paspoort. Daarbij ging het van 668 meldingen in 2019 naar 289 meldingen in 2020.

Slachtoffers van binnenlandse seksuele uitbuiting zijn door de pandemie minder zichtbaar geworden: het aantal meldingen vormde in 2020 nog maar 11 procent van het totale aantal meldingen. Binnenlandse seksuele uitbuiting, waarbij de slachtoffers wel een Nederlands paspoort hebben, is naar schatting wel de meest voorkomende vorm van mensenhandel in Nederland. Een groot deel van de slachtoffers is minderjarig, blijkt uit het rapport.

Arbeidsuitbuiting maakte in 2020 een belangrijk deel uit van alle meldingen die de Nationaal Rapporteur ontving. In 2020 ging het om 43 procent, in 2019 was dat nog 17 procent. "De meeste slachtoffers hebben zichzelf bij hulpverleningsinstanties gemeld toen zij door de coronamaatregelen niet alleen hun werk, maar ook hun huisvesting en verblijfsvergunning kwijtraakten", schrijft Bolhaar. Hij noemt het "zorgelijk" dat deze gevallen niet veel eerder zijn herkend door opsporingsinstanties.