De bron van de legionella-uitbraak in Schijndel is niet gevonden, meldt GGD Hart voor Brabant woensdag. In totaal raakten sinds de uitbraak op 15 november zeventien mensen besmet met de bacterie en overleed een van hen. Sinds 25 november is er echter geen besmetting meer vastgesteld en dat wordt ook niet meer verwacht.

Nadat de uitbraak werd geconstateerd, werden in de Brabantse plaats onder meer fonteinen en koeltorens uitgezet. De betrokken diensten hebben alle waarschijnlijkste en bekende bronnen onderzocht, maar in geen van de bronnen werd de legionellabacterie aangetroffen.

"Hiermee lijkt het erop dat de bron niet meer actief is", aldus de GGD. Ze verwachten daarom dat er geen nieuwe legionellapatiënten bij gaan komen in de regio.

Volgens de GGD komt het vaker voor dat de bron niet kan worden gevonden; in zo'n 40 procent van de legionella-uitbraken wordt de bron nooit achterhaald. Dat zou bijvoorbeeld kunnen komen doordat de bacterie maar tijdelijk aanwezig was in de bron of dat die alweer weg was voordat de bron werd onderzocht.

De besmette mensen woonden met name in het centrum van Schijndel. Eén persoon woonde ergens anders, maar was wel in Schijndel geweest.

Burgemeester Kees van Rooij van de gemeente Meierijstad, waar Schijndel deel van uitmaakt, noemde de uitbraak destijds "zorgwekkend" en riep mensen op alert te zijn. Hij laat woensdag weten "blij te zijn dat er geen extra besmettingen meer zijn en dat de uitbraak nu uitgedoofd lijkt".

Mensen kunnen de legionellabacterie binnenkrijgen als ze besmette waterdruppeltjes inademen. Veel mensen worden daar niet ziek van. Soms kan de besmetting wel zorgen voor griepachtige klachten. In zeldzame gevallen kan er een longontsteking ontstaan.