Aan het begin van de eerste lockdown in maart 2020 werd verwacht dat huiselijk geweld zou toenemen doordat slachtoffers en daders meer aan huis gebonden waren. Uit onderzoek van NRC blijkt echter dat het aantal opnames van slachtoffers van huiselijk geweld in opvanghuizen tijdens de lockdowns is afgenomen. Dat wil niet zeggen dat het geweld ook minder is geworden, maar wel dat slachtoffers zich minder veilig voelden om hulp in te schakelen.

Slachtoffers van huiselijk geweld belden tijdens de twee lockdowns in Nederland minder vaak om zich te melden, blijkt uit de rondgang van NRC langs regionale organisaties, een landelijke branchevereniging en meldpunten.

Op de noodafdeling van Blijf Groep, een hulporganisatie die slachtoffers opvangt in Noord-Holland en Flevoland, werd het stil tijdens de lockdowns, laat manager Jolanda Vader weten aan de krant. Het aantal acute opnames bij Blijf Groep daalde tijdens de lockdowns met bijna 50 procent. Moviera, een hulporganisatie met vier opvanghuizen in Oost-Nederland, zag hetzelfde gebeuren.

Volgens Esmé Wiegman, directeur van Valente, een branchevereniging voor hulporganisaties die zich inzetten voor slachtoffers van huiselijk geweld, daalde het aantal acute opnames overal. Bij Veilig Thuis, een landelijk netwerk van regionale meldpunten, kwamen er tijdens de lockdowns meer vragen van bellers binnen, maar nam het aantal officiële meldingen bij hulporganisaties en de politie af.

Het aantal meldingen over kindermishandeling nam volgens de organisaties echter wel sterk toe, evenals het aantal meldingen over huiselijk geweld na de versoepeling van de maatregelen vorige zomer.