Scholen krijgen dit en volgend schooljaar geld om leerachterstanden die tijdens de coronacrisis zijn ontstaan weg te werken. Verschillende scholen denken erover na om vanwege het lerarentekort langer de tijd te nemen om dit geld uit te geven, zo vertelt de PO-Raad aan NU.nl. Volgens het ministerie van Onderwijs is dat echter niet de bedoeling.

Basisscholen willen corona-achterstanden vooral wegwerken door kleinere klassen te maken en meer een-op-eenbegeleiding aan te bieden. De mensen hiervoor zijn voor veel scholen moeilijk te vinden. Dat vertellen de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) en de PO-Raad, de sectororganisatie van onder andere de basisscholen.

Sommige scholen willen het uitgeven van het geld over een langere periode uitsmeren als ze geen personeel kunnen vinden. Als een school nu bijvoorbeeld genoeg coronageld krijgt om de komende twee jaar vier mensen voor een-op-eenbegeleiding te betalen, dan is het vaak moeilijk om alle vier die mensen direct te vinden. Een school kan daarom de wens hebben om nu twee personen aan te nemen en het geld dat overblijft te gebruiken om langer dan twee jaar extra een-op-eenbegeleiding aan te bieden.

Dat is echter niet de bedoeling. Een woordvoerder van het ministerie van Onderwijs stelt dat het geld bedoeld is om de achterstanden die ontstaan zijn door de coronacrisis zo snel mogelijk weg te werken. Scholen horen het geld daarom dit en volgend schooljaar uit te geven.

Geld is onderdeel van Nationaal Programma Onderwijs

Dit schooljaar krijgt een basisschool gemiddeld zo'n 180.000 euro om corona-achterstanden weg te werken. Dit geld is onderdeel van het Nationaal Programma Onderwijs, waarin bijvoorbeeld ook middelbare scholen, mbo's, hbo's en universiteiten geld krijgen. In 2022 krijgen basisscholen opnieuw minimaal 500 euro per leerling uit dit programma.

In het voorjaar van 2022 wordt wederom naar de duur van het Nationaal Programma Onderwijs gekeken. Volgens het ministerie is er dan een beeld van hoe scholen het geld gebruiken. Mogelijk besluit de minister dan of de periode die scholen hebben om de corona-achterstanden weg te werken, en dus het geld uit te geven, wordt verlengd.

Scholen moeten hier volgens het ministerie niet op vooruitlopen. Wat er gebeurt als die periode niet wordt verlengd en scholen aan het eind van het schooljaar 2022-2023 toch geld overhebben, wil de woordvoerder niet zeggen.

Terugbetalen hoeft niet

De PO-Raad vertelt dat geld dat eventueel overblijft in ieder geval niet terug hoeft te worden betaald. Er kan dus geld zijn dat scholen dit en volgend schooljaar uit het Nationaal Programma Onderwijs krijgen, maar dat eind volgend schooljaar nog niet is besteed. Dit blijft dan op de rekening van de scholen staan.

De PO-Raad adviseert scholen om eventueel overgebleven geld ook na schooljaar 2022-2023 uit te blijven geven aan het inhalen van corona-achterstanden.

De PO-Raad is ook bang dat het erop gaat lijken dat het onderwijs meer dan genoeg geld ontvangt door de grote hoeveelheid geld die schoolbesturen straks mogelijk op hun rekening hebben staan. Volgens de PO-Raad en de AVS is er wel extra geld nodig, maar dit moet geld zijn dat niet tijdelijk is en waarmee voor langere tijd mensen kunnen worden aangenomen.

Onderzoeksjournalist Shannon Bakker wil beter begrijpen hoe het Nationaal Programma Onderwijs in de praktijk uitpakt. Ben jij bijvoorbeeld schooldirecteur, schoolleider of leraar en wil je hier iets over vertellen, mail dan naar tips@nu.nl. Uiteraard gaan we vertrouwelijk met jouw informatie om. We zullen nooit je naam of gegevens publiceren zonder jouw toestemming.