De opvangplekken voor asielzoekers in ons land zitten vol. Het Centraal Orgaan asielopvang (COA) zei eerder al dat "we tegen crisisnoodopvang aanzitten". Wat houdt dat precies in?

Op dit moment is er geen plek meer in de reguliere opvangcentra in Nederland. De volgende stap zou volgens een woordvoerder van het COA crisisnoodopvang zijn. "Dat willen we echt niet, maar komt wel dichterbij', zei de zegsman eerder tegen NU.nl.

In een brief aan de Tweede Kamer op 6 oktober schrijft demissionair staatssecretaris Ankie Broekers-Knol (Asielbeleid) niet uit te sluiten dat het noodplan nodig is. Ook zij noemt dit "zeer onwenselijk".

Hoe kan het dat de opvangcentra nu zo vol zitten?

  • Dat komt door een combinatie van een toenemend aantal asielaanvragen en de komst van de Afghaanse evacués.
  • Ook zitten in bestaande asielzoekerscentra nog ruim elfduizend statushouders die nog wachten op een woning.

Maar wat is crisisnoodopvang, en waarom is dit onwenselijk? Crisisnoodopvang is "kortdurende opvang van asielzoekers in accommodaties die het Rijk normaal inzet voor burgeropvang bij incidenten, rampen of crisis", valt te lezen op de website van het COA. Dat betekent concreet dat vluchtelingen worden opgevangen in bijvoorbeeld sporthallen, tenten of lege cruiseschepen. Deze plekken worden toegewezen door de overheid.

Het is voor de vluchtelingen niet prettig om in deze omstandigheden te moeten wonen. Daarbij komt de winter eraan, wat het nog minder prettig maakt om in tenten of sporthallen te wonen. Daarnaast moeten de vluchtelingen die in een crisisnoodopvang verblijven vaak verhuizen, omdat de locaties vaak voor maar korte tijd beschikbaar zijn.

In sportcentrum Snellerpoort in het Utrechtse Woerden werden in 2015 tijdelijk vluchtelingen opgevangen.

In sportcentrum Snellerpoort in het Utrechtse Woerden werden in 2015 tijdelijk vluchtelingen opgevangen.
In sportcentrum Snellerpoort in het Utrechtse Woerden werden in 2015 tijdelijk vluchtelingen opgevangen.
Foto: ANP

Nederland maakte al eerder gebruik van crisisnoodopvang in 2015 en 2016. Ons land kreeg destijds te maken met een grote instroom van voornamelijk Syrische vluchtelingen. Omdat die niet meer terechtkonden in de al volle asielzoekerscentra, werden ze op crisisnoodopvanglocaties opgevangen.

In het land werden in die periode 162 crisisnoodopvanglocaties opgezet in 141 gemeentes. De meeste locaties werden maximaal 72 uur ingezet, sommige iets langer. In totaal werden zesduizend asielzoekers opgevangen in deze crisisnoodopvanglocaties. Sommige van hen verhuisden wel zeven of acht keer naar een andere opvanglocatie.

En dat terwijl deze vluchtelingen al veel hebben meegemaakt en soms ook traumatische ervaringen hebben opgedaan. Voor deze vluchtelingen was het "verre van ideaal om in enkele weken tijd in verschillende tijdelijke opvanglocaties te worden opgevangen", concludeerde het Insituut Fysieke Veiligheid in een in 2017 verschenen rapport.

Ook in de omgeving van de noodopvanglocaties was soms onrust vanwege de komst van de vluchtelingen, wat zich in enkele gevallen uitte in protesten.

Bij het gemeentehuis in Geldermalsen (Gelderland) braken op 16 december 2015 rellen uit tijdens een vergadering over de komst van een azc.

Bij het gemeentehuis in Geldermalsen (Gelderland) braken op 16 december 2015 rellen uit tijdens een vergadering over de komst van een azc.
Bij het gemeentehuis in Geldermalsen (Gelderland) braken op 16 december 2015 rellen uit tijdens een vergadering over de komst van een azc.
Foto: ANP

De crisisopvang zorgde niet alleen voor maatschappelijke problemen, maar was ook te duur. Zo was met gemeenten afgesproken dat ze 100 euro per asielzoeker per dag konden declareren bij het COA. Veel gemeenten kwamen echter veel duurder uit. "Dat willen we niet meer", zegt het COA over de algehele situatie.

In de brief aan de Kamer laat Broekers-Knol weten dat er maatregelen worden getroffen om zo'n situatie met crisisopvang te voorkomen. Zo blijft de tijdelijke noodopvang in Harskamp langer open en wordt op het defensieterrein in Amsterdam een locatie opgetuigd. Maar mochten er niet snel voldoende opvangplekken beschikbaar komen, dan is het volgens Broekers-Knol mogelijk dat crisisopvang alsnog moet worden ingezet.