Uitvaartondernemers moeten hun werkzaamheden steeds vaker aanpassen omdat Nederlanders gemiddeld steeds dikker worden. De kisten bij crematies moeten groter worden, er zijn meer dragers nodig dan voorheen en de deuren van ovens worden breder gemaakt.

Dat blijkt uit gesprekken van NRC met tientallen medewerkers in de uitvaartbranche. De krant trapt met het artikel een nieuwe serie over sterven af.

Fabrikant DZU, die uitvaartkisten maakt, verbreedde de maat van het standaardmodel afgelopen jaar met 2,5 centimeter. Ook zijn er bredere modellen op de markt gekomen voor obese Nederlanders.

Deze grotere kisten wegen echter ook meer, soms tientallen kilo's extra. Daardoor is zes dragers tegenwoordig vaak niet meer genoeg en moeten acht personen de kist dragen bij een uitvaartplechtigheid. Dit betekent voor de nabestaanden ook extra kosten, die niet altijd door de verzekering worden vergoed.

Cremeren duurt ook langer bij zwaarlijvige doden

Een ander gevolg is dat cremeren tegenwoordig langer duurt. Gemiddeld duurt het vijf kwartier nadat een kist in de oven is verdwenen, maar de grote uitvaartverzorgers tellen hier bij zwaardere overledenen zeker een kwartier bij op. Ook de ovendeuren moeten worden aangepast om de grotere kisten aan te kunnen.

Uit gegevens van het RIVM, het CBS en de GGD blijkt dat helft van de Nederlanders in 2020 te zwaar was. Een op de drie Nederlanders kampt met enig overgewicht, drie op de twintig zijn obees en hebben dus een BMI van boven de 30.

Zo gaat een crematie in zijn werk
176
Zo gaat een crematie in zijn werk