Vooraanstaande Joodse organisaties roepen de Tweede Kamerfracties op zich krachtig uit te spreken tegen vergelijkingen tussen de situatie rond de coronacrisis en de Holocaust. Ze vrezen dat door de vergelijking het risico wordt vergroot dat echte genocides nu en in de toekomst niet meer zullen worden herkend. De Kamer reageerde in september geschokt op een dergelijke vergelijking door Forum voor Democratie-Kamerlid Gideon van Meijeren.

"Niet alleen op straat en sociale media wordt deze vergelijking gemaakt, maar ook door volksvertegenwoordigers; een vergelijking die op alle mogelijke manieren mank gaat", stellen het Nederlands Auschwitz Comité, het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI), het Centraal Joods Overleg (CJO), het Nationaal Holocaust Museum en het Nieuw Israëlietisch Weekblad (NIW).

"Wij vinden dit niet alleen buitengewoon kwetsend, ook worden de lessen die uit die zwartste periode van de twintigste eeuw getrokken moeten worden hierdoor inflatoir", aldus de Joodse organisaties. "Wij benadrukken alleen al het feit dat mensen die in alle vrijheid een keuze maken zich niet te laten vaccineren, worden vergeleken met bevolkingsgroepen die destijds helemaal geen keuze hadden. Zij werden vermoord. Enkel en alleen om wie ze waren."

De Joodse organisaties laten weten zich niet te willen mengen in de discussie over het al dan niet vaccineren.

FVD maakte vergelijking Holocaust, Kamerleden geschokt

FVD-Kamerlid Van Meijeren trok op 9 september tijdens een debat een vergelijking tussen de gebeurtenissen tijdens de Tweede Wereldoorlog en het coronabeleid. Hij zei dat door het coronatoegangsbewijs mensen "voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog weer een pasje krijgen".

Kamerleden reageerden geschokt op de uitlatingen van Van Meijeren. Kamervoorzitter Vera Bergkamp legde het debat meerdere keren stil om het FVD-Kamerlid te vragen geen taal te gebruiken die door mensen als kwetsend kan worden opgevat.

Jodensterren op Urk en in Amsterdam

Maandag reageerde de gemeente Urk met afschuw op beelden van jongeren die de zaterdag ervoor in nazikleding door het dorp liepen. Het ging om een groep van ongeveer tien jongeren die gekleed in naziuniformen de straat op ging, naar verluidt om te protesteren tegen de coronamaatregelen. Op beelden is te zien dat een van hen een boevenpak met een Jodenster draagt, terwijl de anderen nepwapens op hem richten.

Femke Halsema zei begin september met afschuw te hebben gekeken naar demonstranten die een Jodenster op hun kleding droegen tijdens een protest tegen de coronamaatregelen. De Amsterdamse burgemeester riep de organisatie op om het dragen van een ster te veroordelen en herhalingen te voorkomen.

Volgens Halsema kon ze niet optreden tegen de personen die de Jodenster droegen. "Omdat er niet wordt aangezet tot discriminatie van Joden is er geen sprake van strafbaarheid."